|
Waarom De opbrengst van de hondenbelasting is bestemd voor de zogenoemde algemene middelen. Dit betekent dat de belasting door de gemeente niet hoeft te worden besteed aan doelen die van te voren zijn vastgesteld. De gemeente is vrij om de opbrengst te bestedenaan zaken die zij belangrijk vindt. Vanuit de algemene middelen worden overigens wel verschillende voorzieningen bekostigd die te maken hebben met het welzijn van honden, en ter vermindering van de overlast die het uitlaten van honden met zich meebrengt.
Wie Als u één of meer honden houdt, moet u hondenbelasting betalen. Met ingang van 2010 staat voor de houders van een hond de hondenbelasting op de woonlastenaanslag vermeld. Tevens is de hondenpenning afgeschaft. Als u een nieuwe hond heeft, bent u verplicht daarvan aangifte te doen bij de afdeling Gemeentebelastingen.
Vrijstelling U bent vrijgesteld van de hondenbelasting voor de volgende honden: blindengeleidehonden, gehandicaptenhonden, honden als bedoeld in artikel 1, onderdeel B of C van het honden- en kattenbesluit Honden tot drie maanden die bij de moederhond verblijven, politiehonden van de regiopolitie en Rode-kruishonden.
Vermindering Als de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt (bijvoorbeeld doordat u naar een andere gemeente verhuist) of als het aantal honden in de loop van het belastingjaar afneemt, krijgt u vermindering van de belasting. De vermindering wordt verleend voor het aantal hele maanden die er in het belastingjaar over zijn. U dient hier schriftelijk om te verzoeken. Bij dit verzoek om vermindering, bijvoorbeeld doordat een hond is overleden, dient u een bewijsstuk te overleggen. Een verzoek moet worden gedaan binnen zes weken nadat de hond is overleden. Wanneer u het verzoek te laat indient verspeelt u een deel van de teruggave. U kunt gebruik maken van het formulier aanvraag vermindering op deze site.
Kwijtschelding Kwijtschelding van de hondenbelasting (maximaal twee honden) is mogelijk op aanvraag.
|