Burgemeester Sharon Dijksma 400 jaar Bruntenhof

Toespraak burgemeester Sharon Dijksma

Bruntenhof, 11 september 2021

Beste Suzan, dames en heren,    

Heeft u dat ook weleens? Dat u langs een hofje loopt en benieuwd bent hoe het binnen eruitziet? En dat u de stoute schoenen aantrekt en daadwerkelijk naar binnen loopt? Wanneer ik dat doe, heb ik vaak het gevoel dat ik een deur achter me dicht trek, het rumoer van de stad achter me laat en ik een weldadige plek van rust betreed. Dat blijft telkens opnieuw een prachtige ervaring.

Maar ik vraag me ook wel eens af: wat vinden de bewoners eigenlijk van al die bezoekers? Zien zij ons als geïnteresseerde toeristen of als mensen die aapjes komen kijken? Ik weet het antwoord op die vraag niet, maar ik prijs mezelf wel gelukkig dat ik mij vooralsnog in elk hofje welkom voel. En dat geldt zeker ook hier. Veel dank daarvoor.  

400 jaar Bruntenhof. Dat betekent dat ik even terugga naar 1621. Het jaar dat de Nederlanden en Spanje na een bestand 12 jaar de wapens weer oppakten en Hugo de Groot in een boekenkist uit slot Loevestein ontsnapte. En in Utrecht gaf advocaat Frederik Brunt in 1621 de opdracht om 15 eenkamerwoningen te bouwen op het erf van zijn huis Klein Lepelenburg. De ‘Bruntscameren’, het tegenwoordige Bruntenhof, was een feit. De huisjes waren voor arme weduwen die niet alleen gratis woonruimte kregen, maar ook levensmiddelen en brandstof.

Tot 1756 werd het complex van kleine, witte huisjes beheerd door nakomelingen van Brunt. Daarna ging het financieel de verkeerde kant op. De tuin werd verhuurd aan een hovenier, maar er was geen geld om de huisjes op te knappen.  

In 1976 is de Bruntenhof overgedragen aan het Utrechts Monumentenfonds. Die hebben het complex grondig gerestaureerd waarbij een hoop oude details gelukkig bewaard zijn gebleven, zoals de bedstee. De vier huisjes in de Bruntensteeg zijn samengevoegd tot twee woningen en de straatnaam Lepelenburg is veranderd in Bruntenhof. Recent vond opnieuw groot onderhoud plaats waarbij alle huisjes weer keurig in de verf zijn gezet.

De Bruntenhof heeft ook een voor het publiek toegankelijke tuin. Deze was in de Middeleeuwen ommuurd en bestond waarschijnlijk uit een moestuin met wat fruitbomen. In de 17de eeuw werd de tuin omgevormd tot een speelhof, ‘een tuin om in te verpozen’.  

En dankzij de inspanningen van de tuincommissie onder leiding van Marja Baltes is het er nu nog steeds goed verpozen. Elke week gaan vrijwilligers, waaronder veel bewoners, aan de slag om dit fraaie stukje Utrechtse natuur te onderhouden.  
En er is jaarlijks ook een tuinwerkdag waarop alle ‘hofbewoners’ in de tuin werken.

De Bruntenhof en andere hofjes zijn belangrijk voor Utrecht. Een stukje Utrechtse geschiedenis en het zijn geweldige rustplekken, waar je lekker kunt ontsnappen aan het stadsleven en de hectiek van alle dag. We gaan in Utrecht gelukkig zuinig om met mooie monumenten als deze. En dat blijven we ook in de toekomst doen.    

Beste bewoners,

U boft maar dat u 24 uur per dag in zo’n prachtige bubbel van rust mag leven. Op de site van het Utrechts Monumentenfonds zie en lees ik hoe gelukkig u hier bent.
Ik citeer:
‘Mijn huisje voelt als een warme jas.’
‘Een oase van prachtige natuur midden in de stad.’
‘Het is een huis met een ziel.’
‘Alles klopt hier.’ Daar ben ik het helemaal mee eens! Ik wens u ook voor de komende jaren veel rust en woonplezier toe in deze ‘Bruntscameren’.