Burgemeester 100-jarig bestaan Vereniging van Utrechtse Gemeenten

Toespraak burgemeester Jan van Zanen

Utrecht, Kanaal30, 9 januari 2019

Goedemiddag beste mensen, collega’s van toen en nu, chapeau (voorzitter) Maarten Divendal voor je openingswoorden en aanwezigheid ondanks je fysieke ongemak...,

Zie een zaal met een Commissaris van de Koning, een gedeputeerde, de gemeentesecretaris van Ede, columnist Wouter de Heus, (mijn) raadsnestor Peter van Corler en de burgemeester van Amstelveen... ik dacht dit moet haast wel een bijeenkomst van de 100-jarige vereniging van Utrechtse gemeenten zijn...

Om te beginnen wil ik het bestuur en de leden van de Vereniging van Utrechtse Gemeenten graag feliciteren met het honderdjarig jubileum.

Ik spreek hier vanmiddag in mijn rol als voorzitter van de Vereniging Nederlandse Gemeenten en natuurlijk ook een beetje als burgemeester van de stad Utrecht, onze provinciehoofdstad.

Honderd jaar geleden, (oud-)collega’s, op de bijzondere datum negen, één, negentien negentien, was Utrecht de vierde provincie die een gewestelijke afdeling oprichtte van het landelijke netwerk van gemeenten.

De landelijke VNG was (al iets eerder) in 1912 ontstaan met als doel om de krachten te bundelen, kennis uit te wisselen en samen sterk te staan in de onderhandelingen met de Rijksoverheid. Nog steeds zeer actueel...

Op provinciaal niveau hadden gemeenten ook de behoefte om zich te verenigen. Zo konden de specifieke opgaven van hun provincie beter aan bod komen. Zeer terecht denk ik. Het bleek een blijvende behoefte, want elke provincie kreeg zijn eigen afdeling en al die afdelingen bestaan inmiddels al bijna een eeuw of langer.

Dat 1919 een bijzonder jaar was, hebben we kunnen horen van voorzitter Maarten Divendal. Maar wat Maarten niet noemde, en dat begrijp ik wel, want je moet het maar weten, is dat dit jaartal, 1919, ook het oudste putdeksel van onze provincie markeert.

Hoe ik dat weet? Twee jaar geleden deed RTV Utrecht een onderzoek naar de putdeksels in onze provincie. Ja, je moet wat als regionale omroep. En wat bleek? Het oudste putdeksel is te vinden op de Maliebaan in Utrecht. Uit het onderzoek bleek dat dit putdeksel al een eeuw bestaat. En dat is best bijzonder. De meeste putdeksels in Nederland vermelden namelijk geen jaartal. In Utrecht is dat wel het geval.

Zoals met veel dingen blijkt Utrecht goed gedocumenteerd, zou je kunnen zeggen. Blijkbaar is dat een eigenschap die Utrecht in de genen zit. En ook onze provinciale afdeling kenmerkt zich door een goede documentatie en informatievoorziening.

Zojuist is de fraaie spiksplinternieuwe website van de afdeling Utrecht gepresenteerd. We moeten er op gaan kijken en er gebruik van maken. U zult het met me eens zijn: de afdeling Utrecht vaart zijn eigen koers en heeft - met het nieuwe logo - ook een duidelijk en eigentijds smoel.

Niet alleen met behulp van die prachtige vernieuwde website, ook met de nieuwsbrieven en inhoudelijke bijeenkomsten voor raadsleden en collegeleden, houdt de afdeling Utrecht haar informatievoorziening op een hoog niveau. De afdeling Utrecht informeert haar leden over de ontwikkelingen bij de landelijke VNG. En andersom haalt de provinciale vereniging bij haar leden onderwerpen op om die bij de landelijke VNG op de agenda te zetten.

En dat is belangrijk, want, om even terug te komen bij het putdeksel, zo’n ding heeft niet alleen een informerende functie. Belangrijker nog is het feit dat een putdeksel de toegang markeert tot een netwerk. Een netwerk dat niet meteen zichtbaar is. Maar wel van enorme betekenis.

Net als de afdeling Utrecht. Een netwerk van Utrechtse gemeenten. Gemeenten die hun krachten bundelen. Die van elkaar leren. Die samen bepalen wat de provincie-specifieke uitdagingen zijn. De interactie opzoeken. Gemeenten hebben elkaar nodig. Juist in deze tijd waarin we met elkaar een aantal grote opgaven moeten oppakken. Denk aan mobiliteit, woningbouw en werkgelegenheid. De energietransitie.

Onderwerpen die urgent zijn en die zich niet beperken tot de gemeentegrenzen. Opgaven waarvoor de middelen vaak niet toereikend zijn. Gemeenten en gemeentebestuurders kunnen in zwaar weer terecht komen. Bij wijze van spreken kan zo ook een putdeksel door hevige regenval uit zijn eigen sponning worden gelicht. En dan is het zo belangrijk dat je op de steun van je collega’s kan rekenen. Dat je elkaar weet te vinden. Dat je je weer kunt verankeren in je ondergrond. Dat doen we door ons te organiseren in een provincie-vereniging en door daarin te blijven investeren.

Voordat een enkeling van u denkt dat ik mij heb laten omscholen tot putdekseldeskundige, het volgende. Er is in Nederland iemand die die titel daadwerkelijk draagt. Guus Klaas, de eerste en enige putdekselspecialist van Nederland, schreef een boekje over de wereld van het putdeksel. ‘Een verwondertocht met de blik neerwaarts’, luidt de titel.

Verwonderen, dat is het woord waar ik nog even bij wil stilstaan.  Want ook dat doet de afdeling Utrecht. Inspireren. Het inspireren van raadsleden, wethouders, griffiers, gemeentesecretarissen en burgemeesters om het werk voor hun inwoners, onze inwoners, naar een hoger plan te tillen. Dat doet de afdeling onder andere met een voor- en najaarscongres. Met workshops over onderwerpen die boven de dagelijkse praktijk uitstijgen. Zoals over besturen in een complexer wordende samenleving. Of het omgaan met de media.

Net als het putdeksel: Verwonder je met de blik naar beneden. Verwonder je over je dorp of je stad. Verwonder je over de eigenheid, het smoel van je inwoners.

(Oud-)collega’s,

Informeren, interactie en inspireren. Dat is waar de afdeling Utrecht voor staat. En dat kan ik vanuit mijn rol als voorzitter van de VNG en als burgemeester van Utrecht alleen maar toejuichen. Ga vooral zo door. Ook in de volgende eeuw. Ik wens u een deksels goede toekomst toe. Dank voor een ieders inzet eerder en nu, de VNG heeft u nodig... En ten slotte: dank u voor uw aandacht.

Uw mening