Burgemeester Opening ‘100 jaar muziekvereniging De Bazuin’

Toespraak burgemeester Jan van Zanen

Prinses Christinalaan, Vorstelijk Complex, 1 februari 2020

Dag allemaal, lieve Bazuiners,
Dank voor uw vriendelijke woorden, voorzitter (Laura ter Braake).

Mag een paar keer per jaar een 100-jarige feliciteren. Ik doe dit werk al een tijdje. Laatst kwam ik aan een vaste deur. Het overkwam me niet eerder. Maar tja, het kan gebeuren.Het gelukwensen van zo’n 100-jarige gaat nooit in zo’n groot gezelschap als hier, met zoveel toeters en bellen - en trommels. U was er ook bij tijdens de nieuwjaarsontvangst van de gemeente Utrecht. Nogmaals dank voor het optreden. Het was prachtig. Heb begrepen dat ik hier straks als tegenprestatie voor u een ‘klusje’ mag doen. Verklap nog niet wat dat is (een keer Lubach is ruim voldoende).

Dank voor de uitnodiging. Aardig om samen met u stil te staan bij één eeuw De Bazuin. En dat, hoe toepasselijk, in Zuilen. Leg uit wat ik daarmee bedoel. Want door de verzuiling was er in Nederland ongeveer een eeuw geleden een lappendeken aan verenigingen. Ook in Utrecht waren er verenigingen voor protestanten, voor rooms-katholieken, voor arbeiders, voor de liberalen. Voor iedereen was er wel een omroep, een vakbond, een voetbalclub en een muziekvereniging. Maar als je in Utrecht lid was van het CNV, dan kwam je een eeuw geleden als muziek-liefhebbend vakbondslid er bekaaid vanaf. In het jubileumboek (‘Honderd jaar toonaangevend in de Domstad’) kunt u lezen dat protestante Utrechters haast tandenknarsend moesten toezien - en horen - dat de rooms-katholieken wel trommelend en trompetterend konden demonstreren.

Gelukkig kwam dat gewenste muziekgezelschap er. Op 11 mei 1920 werd de eerste ledenvergadering gehouden in het Volkskoffiehuis aan de Lijnmarkt. De allereerste dirigent Anton Kragting was niet te benijden: hij begon letterlijk met niets. Er was geen rooie cent om muziekinstrumenten te kopen, dus kregen de twintig leden uitsluitend theorieles. Benieuwd hoe dat ging. Gelukkig was er een paar maanden later goed nieuws: er was een naam voor de vereniging gevonden. En De Bazuin kon geld lenen voor instrumenten. 2.000 gulden, in die tijd een enorm bedrag. Dat geld werd terugbetaald met optredens en het ophalen van - ook toen al - oud-papier. Echt heel oud is dat papier. Eind goed, al goed.

Dit was de ouverture van de muziekvereniging die al een eeuw lang haar culturele en muzikale stempel drukt op Utrecht. Een vereniging die in 1920 begon met twintig leden en uitgroeide tot een club met nu 120 enthousiaste muzikanten. Zeven groepen. Leden van 7 jaar tot in de tachtig. In uw kenmerkende blauw-zwarte uniformen. U overleefde vele stormen. Een krappe kas. De oorlog, waarin De Bazuin weigerde op te treden voor de cultuurkamer van de bezetter. Bandleden gearresteerd en gedeporteerd zag worden. En helaas niet meer terugkeerden uit gevangenschap. En natuurlijk de jaren na de oorlog, waarin we andere dingen gingen doen in onze vrije tijd. Sporten. Televisie kijken. Stappen. Met name muziekverenigingen konden al die veranderingen moeilijk bijbenen. Daardoor zijn er - helaas - muziekgezelschappen verdwenen.

Ik vind het daarom des te bewonderenswaardiger dat De Bazuin de stormen heeft overleefd en still going strong is. Chapeau. Vraag, als ik een 100-jarige bezoek, naar het geheim van zo oud worden. Je krijgt dan allerlei tips: iedere dag wandelen. Veel puzzelen. Af en toe een glaasje. Of het zit - dat geluk moet je dan hebben - ‘gewoon in de genen’.

Misschien is uw geheim dat u investeert in muziekeducatie. En daarmee investeert in: muzikaal talent, muzikale kwaliteit, muzikale vernieuwing, kortom; in een kerngezonde muzikale toekomst. Misschien zit het in uw muzikale genen. Zou het wel willen rondbazuinen: dank voor één eeuw muziek door Utrechters, voor de Utrechters. Ik noemde het al, maar de titel van het jubileumboek, ‘Honderd Jaar Toonaangevend ...’, spreekt boekdelen. Op naar nog een eeuw De Bazuin.

Beste mensen,

Mag zo meteen het jubileumboek in ontvangst nemen. Ben zeer benieuwd. En misschien bent u benieuwd welk klusje De Bazuin mij heeft toebedeeld. Zo meteen wordt ‘Utreg Me Stadsie’ ingezet. Mag daarbij de baton van dirigent Joost Visser vasthouden. En ermee zwaaien. Ga ik toch weer iets met mijn handen doen. Ben in plaats van burgemeester dan even ‘de burge-maestro’. Eervol. En weet: u heeft hier plezier in, met elkaar muziek te maken en te laten horen, maar besef hoeveel plezier u er anderen mee doet. Wens u een mooie avond en een onvergetelijk jaar toe.

Uw mening