Burgemeester Uitreiking Speld van de Stad aan Dick Franssen

Toespraak burgemeester Jan van Zanen

Lange Koestraat, café Van Wegen, 22 januari 2020

Beste mensen,
Familie, vrienden, geachte mevrouw en meneer Veerman, collega’s en oud-collega’s van meneer (Dick) Franssen (leerde ooit dat journalisten en gemeentebestuurders elkaar niet al te familiair zouden moeten aanspreken),
 
Goed - en voor mij een grote eer - om stil te staan bij uw afscheid als hoofdredacteur van De Binnenstadskrant. Of, zoals u dat zelf altijd heel bescheiden noemt: coördinator van De Binnenstadskrant.
 
Hoe dan ook, De Binnenstadskrant kenmerkte zich onder uw leiding als een krant met een constante journalistieke kwaliteit. Zoiets valt op. In 2016 stond in het Algemeen Dagblad een stukje over de lokale kranten in Utrecht, met over uw krant de volgende treffende zin: ‘De Binnenstadskrant, sinds mensenheugenis een instituut met een hoog journalistiek niveau.’ (Geheel terzijde verklaart dat ook waarom ik er als burgemeester nooit in stond)
 
U bent erin geslaagd om met beperkte middelen - ik herhaal met beperkte middelen - en met een groep betrokken vrijwilligers een krant te maken die ertoe doet. Een krant die is uitgegroeid van een verzameling interessante berichten met een nietje erdoor tot een wijkkrant van hoog niveau, inclusief kwalitatief zeer goede foto’s, van onder andere Sjaak Ramakers.
 
Sjaak, ook jij neemt afscheid van de redactie. Grote dank voor jouw jarenlange inzet als redactielid en fotograaf. Je verdient veel respect.
 
Dan weer naar Dick, want ik denk dat er weinig mensen zijn met zo’n brede en uitgebreide kennis van de recente geschiedenis van Utrecht en van de Utrechtse politiek. De liefde voor de stad was al die jaren uw motivatie en de boodschap dat je daar ‘heel zuinig op moet zijn’ was de grondgedachte in veel van uw artikelen. Dat begon al bij uw wekelijkse column - ‘De stad is van ons’ - voor het Utrechts Nieuwsblad die u schreef van 1973 tot 1982. Hierin nam u geen blad voor de mond wat meermalen tot een debat in de gemeenteraad leidde, waarmee het beleid werd aangescherpt.
 
In 2002 bent u hoofdredacteur geworden van De Binnenstadskrant en ook hierin steekt u uw liefde voor Utrecht niet onder stoelen of banken. (en dat terwijl u - net als Thorbecke - uit Zwolle komt …) Juist vanuit die betrokkenheid heeft u zich soms zeer kritisch uitgelaten over vergaande ingrepen in het stadscentrum. U was de spreekwoordelijke ‘luis in de pels’ van het gemeentelijke beleid.
 
U vindt het belangrijk dat de bewoners niet vergeten worden in alle plannenmakerij.
‘Plannenmakerij’ - een echt Dick Franssen woord.
 
In een tijd waarin de lokale journalistiek behoorlijk onder druk staat en steeds meer huis-aan-huisbladen verdwijnen is dit iets waar we als gemeente Utrecht alleen maar blij mee mogen zijn.
 
Overigens is het schrijven van artikelen voor u nooit een simpele opgave geweest.
U verdiept zich telkens voor honderd procent in de materie voordat u achter uw toetsenbord gaat zitten. En om uw werk goed te doen bezocht u talloze vergaderingen van de wijkraad, informatieavonden, schouwen in het Stationsgebieden stadsgesprekken.
 
U betrokkenheid ging zelfs zover dat u persoonlijk de kranten in de postvakken van alle raadsleden legde en zelf de postzegels plakte op de abonnementen die per post gaan. Zie hier zo’n grote bruine envelop, waarin gisteren in mijn brievenbus thuis de nieuwste editie aantrof.
 
In uw journalistieke carrière bent u in feite uitgegroeid tot een stedelijke geschiedschrijver. Uw mening telt - nog steeds, althans wat mij betreft - mee in het openbare debat en wordt in brede kring op prijs gesteld.
 
U schreef het boek 'Razende Reporter - een halve eeuw verslaggeving in Utrecht en omgeving'. (kreeg ook dat boek ooit in mijn brievenbus). Daarvoor selecteerde u uit uw knipselverzameling mooie verhalen die, zo schreef u op de achterflap, "niet te gedateerd zijn". In veel kranten verpakken we de volgende dag de vis, maar de verhalen uit uw boek zijn voor de eeuwigheid.
 
Met uw journalistieke werk heeft u een niet te onderschatten bijdrage geleverd aan de ontwikkeling van Utrecht. Uw afscheid is u van harte gegund, maar ik vermoed dat de redactie van De Binnenstadskrant uw bijdrage zeer gaat missen.
 
Eén van de redactieleden liet mij het volgende weten – en ik citeer “Dick was de lijm die de redactie bond. Geduldig en respectvol. Met een kwinkslag, wat zelfspot en scherpzinnigheid. Met het vertrek van Dick verliest de krant zijn hart. De Binnenstadkrant zal nooit meer hetzelfde zijn, want er is maar één Dick Franssen.” – einde citaat.

Zelf omschreef u (Dick Franssen) het in uw laatste column aldus (in de nieuwste editie op bladzijde 14): “We hadden er plezier in, deden ons stinkende best, haalden altijd de deadline. Nu zijn anderen aan zet. Sjaak blijft meedoen als een van de fotografen, en ik schrijf vast nog weleens een stukje. Het is goed zo.”  
 
Beste meneer (Dick) Franssen,
 
Uw grote en onschatbare inzet voor Utrecht willen we als gemeente Utrecht graag onderstrepen met een stedelijke onderscheiding. Met genoegen mag ik bekendmaken dat het gemeentebestuur heeft besloten om u de Speld van de Stad toe te kennen. Van harte gefeliciteerd. Dank u wel.

Uw mening