Burgemeester Veteranendag Utrecht 2019

Toespraak burgemeester Jan van Zanen

Utrecht, Stadhuis, 22 juni 2019
 
Beste mensen, beste Utrechtse veteranen,

Het is een eer om u op het stadhuis te mogen ontvangen. De 12e Veteranendag hier in Utrecht. Met een nieuwtje. Het comité Nederlandse Veteranendag moedigt dit jaar
de gemeenten aan om een zogenaamd Witte Anjerperkje aan te leggen als eerbetoon aan onze veteranen. Dat hebben we gedaan. Niet hier voor het stadhuis,
maar wel in de Meern.
 
Ook hebben we dit jaar overste Robbert Dankers als gastspreker. Robbert is veteraan van drie missies, woont in Utrecht en werkt op de Kromhoutkazerne.
Welkom Robbert. Het maakt mij niet zoveel uit welke kleur uniform iemand draagt,
maar ik vind het stiekem toch extra leuk dat je van de luchtmacht bent. Was namelijk zelf ooit dienstplichtig militair bij de Koninklijke Luchtmacht.
 
Goed om een aantal trouwe bezoekers van de Utrechtse Veteranendag te zien. Meerdere generaties bovendien. Jong en oud. Van net en lang geleden.
Langer geleden, bijvoorbeeld voormalig Nederlands-Indië veteraan Ad Verdonk.
Inmiddels bijna 90 jaar oud. Ad is hier (met zijn dochter Frida). Veteraan Verdonk, beste Ad, ik vertel graag uw verhaal, omdat ik denk dat het herkenbaar is voor veel veteranen van nu en van toen.
 
In juli 1949 vertrok u met het schip ‘De Waterman’. Zonder precies te weten wat u daar moest doen. Het werd u gezegd. U deed het. Het was geen tijd van vragen stellen, laat staan eisen stellen. Je moest. Je ging. Om de orde en vrede te herstellen. In voormalig Nederlands-Indië. U moest afscheid nemen van uw familie, vrienden en van uw verloofde Annie. U had geen idee wanneer u weer in Nederland zou terugkeren. En zo kwam u aan in een land terecht waar alles anders was.
Gestationeerd op een buitenpost in één van de kampongs op Oost-Java.

Twee uur op en vier uur af. Wachtlopen. Dat was het ergste dat er was. Dagen, weken achter elkaar. Twee uur op en vier uur af. Je normale ritme raakte er door verstoord. En continu die angst voor een onzichtbare vijand. ’s Ochtends was er soep met nasi. ’s Middags was er soep met nasi. ’s avonds was er soep met nasi.
Eén keer in de week aardappelen met brood.

Dat was uw leven, veteraan Verdonk. Daar op die buitenpost was u op elkaar aangewezen. Kleur, rang of stand deed er niet meer toe. U heeft die tijd kranig doorstaan. U kwam in oktober 1950 terug in Nederland en trouwde met Annie,
waar u dit jaar in oktober (al) 65 jaar mee getrouwd bent. Annie kan er vanmiddag helaas niet bij zijn, maar ik weet bijna zeker, nietwaar Ad, dat ze het goed vindt dat wij u allemaal namens haar hartelijk groeten.

Veteraan Verdonk, beste Ad,
Ik vind het belangrijk om uw verhaal en die van andere veteranen
te blijven vertellen. Dit houdt het besef levend dat oorlog een ernstige zaak is,
waarover we nooit licht mogen oordelen.
 
Beste veteranen,
Wat ik merk in uw verhalen, is dat de herinneringen vaak heel dubbel zijn. Aan de ene kant de verschrikkingen van de oorlog, of de gevolgen daarvan, die blijvend in uw geheugen gegrift zijn.
 
Aan de andere kant vaak ook die hechte kameraadschap, zoals wij dat eigenlijk niet goed kunnen voorstellen. U heeft met elkaar gestreden, maar ook met elkaar gelachen. De ervaringen van toen, zijn nog altijd heel herkenbaar voor militairen van nu. Net als u merken ook de huidige veteranen hoe lastig het kan zijn om te vertellen
over hoe het écht gaat in zo’n missie.
 
Militairen werden - en worden – uitgezonden in opdracht van de Nederlandse regering, de Nederlandse politiek. Zij gaan. Hoe lastig of gevaarlijk die opdracht ook is. Dat was zo in het geval van Nederlands-Indië. Dat was zo in het geval van Korea, Libanon, Maili, Burundi, voormalig Joegoslavië of Afghanistan. En dat geldt ook voor de missies van nu. U heeft enorme inzet getoond. En na de missie pakken de meeste veteranen hun leven weer op en veel tijd om de vaak ingrijpende ervaringen een plek te geven is er niet. Of die behoefte is er op dat moment niet. Maar vaak decennia later komen die ervaringen bij sommigen dan toch weer naar boven.
 
Ik ben daarom van mening dat de behoefte aan erkenning en waardering niet verjaart. En het is daarom belangrijk om geregeld waardering te uiten richting onze veteranen. Juist omdat het veteranengevoel vaak pas met de jaren komt. Voor de meesten van u is de uitzending een verrijkende ervaring geweest. Dat is wat er iedere keer weer uit onderzoeken naar voren komt.
 
Ook op dit moment zijn er Nederlandse militairen actief in diverse landen. Ze werken in conflictgebieden. Zien met eigen ogen hoe de grens tussen goed en kwaad soms heel duidelijk is, maar vaker wazig is. Sommigen van u kwamen terug van een missie en vertellen er zeventig jaar na dato nog met stralende ogen over. Anderen kwamen thuis en ontdekten dat de missie hen bleef dwarszitten.
 
Hoe u ook thuiskwam, u verdient onze steun, onze hulp en onze grote waardering. Grote dank voor uw inzet. Respect. Respect. Respect. Wens u een aardige middag toe. Dank voor uw komst en dank voor uw aandacht. Geef nu graag het woord aan overste Robbert Dankers.

Uw mening