Oud-burgemeester Jan van Zanen Algemene Gelegenheid 2020 ‘lintjesregen’

Toespraken burgemeester Jan van Zanen

Lucasbolwerk, Stadsschouwburg, 30 juni 2020

Mevrouw Bini Biemans-van der Wal

Mevrouw Biemans, de geschiedenis van Utrecht is nooit ‘voltooid verleden tijd’. U zult het daar vast mee eens zijn. Gebeurtenissen in het verleden hebben deze stad gevormd, blijven ons bezig houden en hebben in sommige gevallen tot op de dag van vandaag invloed. Uw onderzoek naar de Utrechtse geschiedenis - al vanaf 1987, dus al meer dan 30 jaar - is daarom van grote waarde.  Dat begon voor u met het achterhalen van de orgelhistorie van de Nicolaikerk vanaf de late middeleeuwen. U heeft zich bijvoorbeeld verdiept in de geschiedenis van het Gerrit Petersz-orgel uit 1479, toch wel één van de beroemdste oude orgels van Nederland (en wie is daar niet in geïnteresseerd…)   
Later breidde uw onderzoeksterrein zich uit naar de bouwgeschiedenis, de sociale kenmerken van de ‘bewoners’ en de inrichting en het gebruik van de kerk door de eeuwen heen. Daarvoor heeft u zich onder meer het moeilijk leesbare oude schrift eigen gemaakt. En nog wekelijks bestudeert en ontcijfert u met veel toewijding talloze documenten. Daarmee kunnen we u rekenen tot een expert in de geschiedenis van middeleeuws Utrecht. Sinds 2004 draait u als vrijwilliger mee in de onderzoeksgroep van dr. Truus van Bueren van de Universiteit Utrecht, waarbij u in het bijzonder onderzoek verricht naar de memoria - ofwel de dodengedachtenis - in de middeleeuwen. Geloof niet dat ik eerder iemand heb ontmoet met zo’n originele tijdsbesteding…  Zowel bij het Utrechts Archief als bij de universiteit staat u bekend als iemand die geheel belangeloos haar kennis en ervaring wil delen. Daarmee bent u voor andere onderzoekers een enorme hulp geweest. U bent ‘een wandelende encyclopedie’ en een waardevolle vraagbaak voor onze Utrechtse cultuurhistorie. Een collega liet hierover het volgende weten – en ik citeer: “Elkaar informatie toespelen is gebruikelijk, maar ik vermoed dat Bini bij een onderzoek naar gulheid op dit gebied, zeer hoog in de ranglijst zou eindigen.”  
Uw betrokkenheid bij de Marcus-Nicolaikerk is overigens nog altijd zeer groot. U verzorgt rondleidingen, geeft lezingen en ondersteunt diverse activiteiten, zoals bijvoorbeeld de kindernevendienst. Ook hierin is de rode draad uw zorg en aandacht voor de ander. Kortom, u bent een betrokken, sociale en enthousiasmerende vrouw, een waardevolle onderzoeker, en een ambassadeur van de Utrechtse cultuurhistorie. Op een persoonlijke, benaderbare en constructieve manier, weet u veel mensen te bereiken en zaken voor elkaar te krijgen. Zeer terecht heeft het Zijne Majesteit behaagd u daarom te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

 

De heer Henk Bijlsma  

Meneer Bijlsma, weet u het nog? Het was de zomer van 1976, toen tijdens opgravingen bij het voormalige kasteel Vredenburg 90 middeleeuwse skeletten werden gevonden. Die moesten worden opgegraven door mensen die precies wisten hoe het menselijk lichaam in elkaar steekt. Stadsarcheoloog Tarq Hoekstra – helaas is hij onlangs overleden – klopte bij u aan. Nu waren 90 skeletten wel heel veel om in je eentje op te graven, dus u regelde nog ‘even’ 10 studenten fysiotherapie erbij. U hielp die zomer met z’n allen om de skeletten onbeschadigd uit de grond te krijgen. TIjdens dit vakantiebaantje kwamen voor u twee werelden bij elkaar: uw liefde voor de fysiotherapie en uw passie voor historisch Utrechts erfgoed. We beginnen met de fysiotherapie… U was twintig jaar bestuurslid van de Landelijke Vereniging van Fysiotherapeuten in Dienstverband. U zette zich onder andere in voor de functiewaarderingssystematiek en de komst van een cao in de vrije praktijk. U bent oprichter en penningmeester van de Nederlandse Vereniging van Fysiotherapeuten in Verpleeghuizen. U zorgde ervoor dat er voor de geriatrie-fysiotherapeuten een beroepsprofiel kwam met de (minimale) kwaliteitseisen. Tot 2016 was u voorzitter van en bent nog steeds vrijwilliger bij de Stichting Geschiedenis Fysiotherapie, die zich inzet voor het behoud van het medisch erfgoed van het vakgebied en het bevorderen van de historische kennis over fysiotherapie.    
Daarnaast klopt uw hart voor onze mooie historische binnenstad. U was lid van “de Werkgroep Herstel Leefbaarheid Oude Stadswijken te Utrecht”. U heeft een belangrijke bijdrage geleverd aan het behoud het prachtige 14e-eeuwse voormalige kanunnikenhuis aan Achter Clarenburg. Het wordt gezien als een keerpunt in de manier waarop we nu naar de historische binnenstad kijken en onze monumenten beheren. Voorts was u in de jaren 70 en 80 betrokken bij het opstellen van een Utrechtse lijst van monumenten van na 1950. U bent verzot op klassieke muziek... Tweemaal per kwartaal stelt u uw huis open voor concerten door studenten van het Koninklijk Conservatorium Den Haag en het conservatorium van Amsterdam. In uw huis kunnen zij ervaring opdoen voordat zij straks in grote concertzalen optreden. Uw liefde voor de muziek blijkt uit het feit dat u secretaris bent van de Stichting Orgel Comité Muziekcentrum Utrecht. Kortom; een indrukwekkende staat van dienst die Zijne Majesteit de Koning heeft doen besluiten u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau. 

 

De heer Leendert Borgdorff

Meneer Borgdorff, de 150 Psalmen uit de Bijbel zijn voor veel mensen nog altijd een bron van inspiratie en troost. Ze worden gezongen en gelezen in de zondagse samenkomsten, tijdens begrafenissen en bruiloften en ik denk dat tijdens de coronacrisis de woorden van Psalm 23, vers 4 velen tot troost zijn geweest: “Zelf als ik door een donker dal moet lopen, ben ik niet bang, want U bent dicht bij mij.”  De uitdaging is om die eeuwenoude woorden te laten aansluiten bij onze hedendaagse cultuur en taalgebruik. U heeft zich hiervoor ingezet door middel van het project ‘Psalmen voor Nu’. Dit project werd in 2002 gestart, met als doel om alle 150 psalmen opnieuw te berijmen en van nieuwe, zingbare melodieën te voorzien. Een zeer omvangrijk project. In 2014 verscheen de laatste CD, van in totaal 10 CD’s (inclusief muziekboeken). U heeft er, samen met uw team, ruim 12 jaar aan gewerkt. U heeft vele psalmen bewerkt. Een lastige en tijdrovende klus, omdat u steeds weer recht moest doen aan de grondtaal (het Hebreeuws), en (recht moest doen) aan de doeltaal (het Nederlands). Bovendien moesten de teksten van literair niveau zijn én gezongen kunnen worden. Jaar in, jaar uit, heeft u hier vele uren aan besteed, voor slechts een bescheiden reiskostenvergoeding. Inmiddels worden Psalmen overal in Nederland in kerken en groepen gebruikt. Wil tenslotte uw vrijwilligerswerk voor het literair tijdschrift ‘Liter’ noemen. Dit tijdschrift had een veelzijdig iemand nodig. Die persoon was u. Tien jaar lang heeft u onvermoeibaar de intensieve vergaderingen geleid, de gaten dichtgelopen bij gebrek aan kopij, de subsidieaanvragen geregeld, de gemoederen gesust, de langzamen aangevuurd en de vurigen omarmd. Dat heeft een tijdschrift opgeleverd dat breed gewaardeerd en geroemd wordt. Als ‘onzelfzuchtige duizendpoot’ heeft u er mede voor gezorgd, dat het blad niet alleen leeft, maar ook ‘glimt’, net als de Koninklijke Onderscheiding die ik u nu mag uitreiken, want het heeft het Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. 

 

De heer Kees Bos  

Meneer Bos, Alzheimer is een vreselijke ziekte - en de oorzaak van 60 tot 70 procent van alle gevallen van dementie. Het meest herkenbare kenmerk van de ziekte is de moeite met het herinneren van recente gebeurtenissen. Uiteindelijk zonderen de patiënten zich af van hun naasten en trekken ze zich terug uit het dagelijks leven. In Nederland zijn er ongeveer 250.000 patiënten.  Sinds 2003 komt u actief op voor deze mensen en hun naasten. U sloot zich aan bij de werkgroep ‘Leren omgaan met Verwardheid en Dementie regio Lekstroom’ en hielp deze werkgroep uitgroeien tot de afdeling Lekstroom van Alzheimer Nederland. Tot 2013 bent u voorzitter van deze afdeling geweest en nog altijd zeer betrokken. Bij de opbouw van de afdeling heeft u meegewerkt aan het verkrijgen van de financiering voor de personele bezetting en de verdere organisatie. U heeft daarvoor enorm veel tijd en energie gestoken in gesprekken met wethouders, gemeentebesturen, ambtenaren en zorgorganisaties. Het was pionieren, wat het lang niet altijd gemakkelijk maakte. De afdeling Lekstroom omvat verschillende gemeenten. Hierdoor moest u met elke gemeente overleggen over subsidie en ander vormen van steun. Dat was in een tijd waarin gemeenten deze zorg, zoals nu, nog niet in hun pakket hadden zitten. In al die contacten, gesprekken en vergaderingen, had u één uitgangspunt: hoe kunnen we samen de zorg voor mensen met dementie verbeteren? Dat heeft bijvoorbeeld geresulteerd in een aantal goed lopende ‘Alzheimercafé’s’. Bij dit alles opereert u als een betrouwbaar en integer bestuurder. Vasthoudend, dat ook. Een goed voorbeeld is de manier waarop u zich hard heeft gemaakt voor de case-managers die de mantelzorg moeten ondersteunen. Meerdere keren heeft deze functie op de tocht gestaan, maar u heeft altijd gepleit voor het behoud - tot aan de Tweede Kamer aan toe. Steeds weer laat u er geen misverstand over bestaan hoe naar deze ziekte is en hoeveel voorlichting er nog steeds nodig is. Er is nog steeds een taboe om over dementie te spreken, dus uw vrijwilligerswerk blijft hard nodig, om dit taboe te doorbreken. U bent een voorbeeld hoe je dit vorm kunt geven. Ook Zijne Majesteit erkent uw inzet, want het heeft hem behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. 

 

Mevrouw Irene Crul

Mevrouw Crul, ofwel: mijn ambtgenote in Utrecht-Noordoost... Want u wordt ook wel eens ‘Burgemeester van de Gijsbrecht van Walenborchstraat genoemd’. Uw agenda is misschien nog voller dan de mijne, want als wij uw takenpakket erbij nemen…in één woord indrukwekkend. U bent al bijna een halve eeuw lid van de Utrechtse VVD. 20 jaar lang was u secretaris en penningmeester – op gemeentelijk en provinciaal niveau. Eindredacteur van Utrecht Liberaal ... U bent een manusje-van-alles, bij wie je nooit voor een gesloten deur staat. Ook toen uw gezondheid u even in de steek liet en u in verkiezingstijd niet op straat kon flyeren, was u een maand lang alle campagnekaarten aan het bestickeren. En ook in uw eigen Van Walenborchstraat staat u altijd voor iedereen klaar. Irene, de aardigste oppas van Noordoost … Irene, de allerliefst dierenoppas tijdens de vakantie …. Niet in één huis, niet twee, nee, de hele straat. En Irene, oprichter, redacteur en penningmeester van de ‘3515[RSTV]’, de enige gedrukte straatkrant van Nederland ... Geen stoffig stencilwerkje met wist-u-datjes, flauwe grappen en een moppentrommel, maar een gedegen journalistiek product, met puike fotografie en doorwrochte artikelen. De courant met misschien wel de hoogste lezerstevredenheid ter wereld … Daarmee bent u naast burgemeester ook de Rupert Murdoch van de Gijsbrecht van Walenborchstraat. Met het krantenvak bent u niet lang geleden gestopt, om nieuw talent de kans te geven. Maar stilzitten is niks voor u. Al 18 jaar bent u actief voor de Nierstichting. Al bijna twee decennia zamelt u speelgoed en kleding in voor Roemeense kindertehuizen. Lid van de wijkraad Noordoost, dat bent u ook. U zamelt eten in voor de voedselbank. U organiseert wijkrommelmarkten voor het goede doel.     Vrijwilliger bij creatieve middagen op basisschool de Fakkel, redactielid bij tennisvereniging Mitland: voor u was het allemaal heel vanzelfsprekend. Als we alle uren optellen die u vrijwillig heeft gestoken in de VVD, de straatkrant, uw buren, de wijk, Roemenië…dan zijn we wel even bezig. Dat verdient alle waardering en die laat zich samenvatten in de volgende vijftien woorden: Het heeft Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.   

 

De heer Wil Dielessen

Meneer Dielessen, u bent één van die één miljoen vrijwilligers op wie sportverenigingen week in, week uit kunnen rekenen. En dat al tientallen jaren lang. Sinds jaar en dag bent u als vrijwilliger verbonden aan Atletiekvereniging Hellas. Als scheidsrechter, als jurylid, als parcoursbouwer. Eigenlijk kan je Wil Dielessen voor ieder klusje inschakelen. U bent nauw betrokken bij de organisatie van de Utrecht Marathon, als rayonhoofd bij de Urban Trail Utrecht, u coördineert de Centrale Post van de Singelloop Utrecht en bent actief betrokken bij de Utrecht Night Run. Echte Utrechtse hardloopevenementen, sportieve uithangborden voor onze stad … Dat realiseren we ons dit jaar des te meer, een jaar waarin heel veel sportieve evenementen niet doorgaan. Ook bij de City-Pier-City Loop in Den Haag en de Marathon en de Bruggenloop in Rotterdam zijn ze altijd verguld met u. U heeft een encyclopedische kennis van de atletieksport, u weet alles van Utrecht en daarbij heeft u een netwerk dat met gemak in een ouderwets PTT-telefoonboek past. Een gouden vrijwilliger. Zal het u nog sterker vertellen: zonder vrijwilligers als u is sporten in Nederland simpelweg niet mogelijk. Want u zorgt ervoor dat mensen lekker kunnen sporten, plezier hebben, maar ook aansprekende prestaties kunnen neerzetten. U zorgt ervoor dat de winnaars van morgen onder ideale omstandigheden hun sport kunnen beoefenen. Zeker nu we de sport zo hard moeten missen, iets om in het achterhoofd te houden ... Dat we, als we straks weer allemaal samen kunnen sporten, beseffen hoe belangrijk sportvrijwilligers als u zijn. Zijne Majesteit de Koning is, zoals u weet, een groot sportliefhebber en heeft veel waardering voor uw grenzeloze inzet. Wil van dit praatje geen marathonsessie maken, dus kom ter zake: Zijne Majesteit heeft besloten u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.   

 

Mevrouw Toos Ester-Andriesse

Mevrouw Ester, hoe zou de wereld eruitzien als in iedere wijk, in iedere straat, in iedere flat iemand zou wonen die altijd voor anderen klaarstaat? Die iedere ochtend jouw krant brengt ... Je bed verschoont ... Ervoor zorgt dat je gewassen en gedoucht aan de dag kunt beginnen ... Tussendoor een wasje draait... Je naar de huisarts rijdt. Eten voor je kookt. Precies weet hoe jij graag de appelmoes eet… Bijvoorbeeld niet ‘te moezig, maar alleen met de kook erover’… Heerlijk bij de stamppot … Ik bedoel iemand zoals u, mevrouw Ester… In uw flat aan de Lamérislaan wordt u de ‘Moeder Overste’ genoemd. U bent ook niet meer de jongste en de kwiekste, maar u cijfert zich volledig weg voor uw oudere, zieke en eenzame flatgenoten. Tijdens de kerstdagen zet u altijd een extra bord op tafel. En als iemand iets is vergeten, ’s nachts een klein ongelukje heeft gehad [kan de beste overkomen] of - erger – iets heeft gebroken staat u meteen in de helpstand. Van veel flatgenoten heeft u de huissleutel, zoveel vertrouwen hebben zij in u. Ook andere organisaties kunnen al jaren rekenen op uw enthousiaste inzet. Of het nu gaat om het bezorgen van het Magazine KBO-PCOB, het coördineren van de kantineactiviteiten in de Tuindorpkerk, uw vrijwilligerswerk voor de Diabetesvereniging en de Borstkanker Vereniging, en uw inzet voor de Cliëntenraad van de Careyn Zorggroep: u deed - en doet - het al dertig jaar met veel plezier, zonder daar iets voor terug te vragen. En zelfs als u even wilt uitblazen in uw vakantiehuis in Sint-Maartenszee, [je kunt er heerlijk uitwaaien] dan bent u daar nooit alleen. U nodigt vaak iemand uit die volgens u ook nodig even eruit moet. ‘Een vrouw van goud’ noemen ze u. 24-karaats, zou ik daaraan willen toevoegen, want als in iedere stad of dorp al één Toos Ester zou wonen, zeker in deze rare, nare en verwarrende tijden, dan zou de wereld er een stuk mooier uitzien. Zijne Majesteit de Koning heeft daar veel waardering voor en heeft besloten u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.   

 

De heer Carlo Halfhuid

Meneer Halfhuid, u bent een persoon met vele talenten. Die talenten heeft u niet verborgen gehouden, maar gebruikt u ten dienste van anderen. Het heeft onze samenleving geen windeieren gelegd. Neem uw inzet voor de Evangelische Broeder Gemeente Utrecht. Op een gegeven moment ontstond de wens - en het concrete plan - om een eigen gebouw te kopen. U nam zitting in de Commissie Bouwfonds, met als belangrijkste doel om fondsen te genereren voor deze aankoop. Eerst als lid en later als voorzitter. De talloze uren die u hierin heeft gestoken, heeft u de bijnaam ‘Mister Bouwfonds’ opgeleverd. Uiteindelijk is er ruim €100.000 binnengehaald en kon uw gemeente in 2014 het gebouw aan de Ivoordreef 2 kopen. Een gemeentelid liet weten dat mogelijk 90% van het opgehaalde bedrag dankzij uw inspanningen is binnengehaald. Bijvoorbeeld door uw zelfontworpen kalenders onvermoeibaar aan de man te brengen. Hiervoor bezocht u op eigen kosten Suriname en de toenmalige Nederlandse Antillen, om daar historische kerkgebouwen te fotograferen. Daarnaast organiseerde u concerten, gospel- en poëzieshows, met bekende binnen- en buitenlandse artiesten, die u zover kreeg om voor ‘nop’ op te treden. Na de aankoop van het gebouw liet u het bijltje er niet bij neer vallen. Nog altijd bent u betrokken bij het onderhoud van het gebouw en het werven van fondsen hiervoor.   Daarnaast omschrijven de mensen in uw omgeving u als een zeer sociaal bewogen persoon. Vaak weet u op gepaste wijze bijzondere aandacht aan uw medemens te schenken.  Zo heeft u gedurende lange periodes ernstig zieken en ouderen in uw omgeving begeleid. U bent een doorzetter die er altijd in slaagt, een activiteit met opvallende resultaten tot een goed einde te brengen. Denk dan ook aan mannengroep Gideon.  U was één van de oprichters, een enorme stimulator en inspirator, en met uw niet aflatende stroom van ideeën, is het een hechte groep geworden, waar de ‘broeders’ van de Evangelische Broeder Gemeente terecht kunnen om hun geloof en hun leven met elkaar te delen. Naast uw inzet voor de EBG, verzorgt u computercursussen in buurthuis De Boog in Overvecht, was u tevens bestuurslid van stichting Kraka Tiki en lid van de Stichting voor Welzijn van Surinamers in Utrecht.  
Dit alles maakt dat het Zijne Majesteit heeft behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau. 

 

De heer Arthur Hegger               

Meneer Hegger, ga met u even terug in de tijd. Als net afgestudeerd psycholoog vond u op een dag een aardige baan. U ging toen werken - we hebben het over de jaren 80 - in een opmerkelijke woonvorm in de P.C. Hooftstraat. Niet in Amsterdam, maar in Zeist … Mensen die jarenlang in een psychiatrische instelling hadden gewoond, kregen hier onderdak, in een gewoon huis, in een doodgewone straat. Mina van Beek, beter bekend als ‘Tante Mien’, had dit in de jaren 50 al bedacht. Tante Mien deed haar werk vanuit haar christelijke overtuiging en vanuit die invalshoek heeft u altijd uw werk als klinisch psycholoog en psychotherapeut gedaan. Naast uw werk bij Eleos, Jeugdhulp Friesland, Woodbrookers, CGGZ IN de Bres en Midden zette u zich in uw vrije tijd met hart en ziel in voor uw vakgebied. U bent inmiddels met pensioen, maar in de christelijke geestelijke gezondheidszorg geldt u als pionier, voortrekker en ambassadeur van de christelijke ggz. U droeg actief bij aan de ontwikkeling van de christelijke hulpverlening binnen de ggz – ook voor jongeren, jongvolwassenen en ouderen. U zorgde voor maatschappelijke erkenning van de christelijke ggz. Zorgde dat het op de politieke agenda kwam te staan... U bracht de discussie binnen de kerken, de christelijke hulpverlening en de reguliere ggz op gang. Richtte werkgroepen op... U schreef boeken en wetenschappelijke artikelen ... Adviseerde bestuurders en kerkbesturen... En u stond mede aan de wieg van Psychosociale Mantel Zorg, een sociaal netwerk rond ggz-patiënten. Kortom: met uw moed, betrokkenheid en scherpzinnigheid leverde u een belangrijke bijdrage aan de positie die de christelijke ggz nu inneemt en ‘state of the art’ werkt. U was medeoprichter en redactielid van het tijdschrift Psyche & Geloof, een wetenschappelijk tijdschrift op het snijvlak van psychologie en religie – uniek in Europa. U was redactiesecretaris van de Christelijke Vereniging van Psychiaters, Psychologen en Psychotherapeuten. U bent nog steeds actief bij de stichting M.C. van Beek en de federatie van GZ-psychologen en psychotherapeuten. U zit in de raad van toezicht van Stichting Singelzicht, die zich inzet voor dak- en thuisloze jongeren in Utrecht. U doet het (vooral) in uw vrije tijd… Indrukwekkend, heb er geen andere woorden voor. Maar dit kan ik u wel zeggen: dat het Zijne Majesteit de Koning heeft gehaagd u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

 

Mevrouw Christien van den Heuvel-van Maarseveen

Mevrouw Van den Heuvel, sinds 1968 bent u actief voor verschillende parochies van de Katholieke Kerk in Utrecht. Dat is dus al meer dan een halve eeuw… 1968: dat is het jaar dat Jan Jansen de Tour de France won, de BBC voor het eerst het nieuws in kleur vertoonde en het jaar van de eerste uitzending van de Fabeltjeskrant op de Nederlandse televisie. Zolang geleden dus. In veel van uw vrijwilligersactiviteiten heeft u zich ingezet als penningmeester. Bijvoorbeeld bij de RK parochie Utrecht-Oost en Utrecht-Zuid, bij de Parochiële Caritas instelling in Utrecht, bij de RK parochie St. Martinus en bij de Stichting ’t Labyrinth voor Jeugd- en Jongeren in Utrecht-Oost. De inzet voor die laatste stichting is wat mij betreft exemplarisch voor uw grote bijdrage. U werd bestuurslid/penningmeester toen de stichting in financieel zwaar weer was geraakt. Met grote inspanningen, heeft u de financiële administratie op orde gebracht, kwesties met de belastingdienst en de gemeente Utrecht opgelost en uiteindelijk de stichting weer solvabel gemaakt en daarmee klaar voor de toekomst. Een prestatie van formaat. Als afgevaardigde namens de Martinusparochie was u actief binnen de Utrechtse Stedelijk Raad van Kerken (USRK). Dat deed u zeer verdienstelijk – en ik citeer: “Christien heeft de financiën van de USRK jarenlang correct bewaakt, alsof het haar eigen portemonnee was.”  Naast de vele stichtingen en besturen die al die jaren geprofiteerd hebben van uw financiële kennis en zakelijke inzichten, staat u bekend als iemand met een groot hart voor de mensen bij u in de buurt. Zorg voor mensen die steun nodig hebben is uw tweede natuur. Mensen doen zelden vergeefs een beroep op u. Waar u dat kunt, biedt u opgewekt een helpende hand. U bent iemand die meestal op de achtergrond functioneert, maar u verdient het om in het zonnetje gezet te worden. Zeer terecht heeft Zijne Majesteit u benoemd tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

De heer Frans de Kroon

Meneer De Kroon, altijd bent u bezig met het verbeteren van de leefomstandigheden van minder bedeelden en mensen die zorg nodig hebben. In binnen- en buitenland. Ik begin bij het binnenland. Sinds de oprichting van Voedselbank Stichtse Vecht, in 2012, bent u betrokken als vrijwilliger. U maakt bijvoorbeeld het maandrooster voor de vrijwilligers, daarbij rekening houdend met hun beschikbaarheid en vakanties. Dat is iedere maand weer een behoorlijke klus. Ze zijn maar wat blij met uw prachtige Excel-bestand en ik begreep van de vrijwilligerscoördinator, dat u bij het inroosteren altijd even vriendelijk bent en altijd met alles en iedereen rekening houdt. Hoewel uw gezondheid het nu helaas niet meer toelaat, verzorgde u op de vrijdagmiddag zelf de uitgifte van het brood. Dan had u een warm contact met de deelnemers en liep u zich het vuur uit de sloffen om het brood zo eerlijk mogelijk te verdelen.  Daarnaast heeft u zich op een bijzonder prettige en aimabele manier ingezet voor de bewoners van de Vijverhof in Harmelen. U brengt hen naar de kerkdienst zorgt dat ze een kopje koffie krijgen en biedt iedereen een luisterend oor.
Dan uw inzet voor landen hier ver vandaan ...  Bijvoorbeeld Madagaskar. Dan verschijnen in eerste instantie misschien beelden op ons netvlies van de bijzondere en prachtige natuur. Minder bekend is dat het eiland vaak wordt geteisterd door cyclonen, sprinkhanen en ziektes onder de mensen. Wat helpende handen hard nodig maken. Met de Stichting Ezaka Madagaskar Harmelen helpt u jonge werklozen aan een baan zodat zij in hun levensonderhoud kunnen voorzien. U was penningmeester, en stelt nog altijd de jaaroverzichten en balansen op voor de Kamer van Koophandel.   
Daarnaast heeft u uw steentje bijgedragen aan de activiteiten van de MOV (Missie, Ontwikkeling, Vrede)-werkgroep van de Sint Bavo-parochie in Harmelen. Deze werkgroep ondersteunde bijvoorbeeld een welzijnswerker in Thailand en diverse kleine diaconale projecten. Om gelden in te zamelen was u betrokken bij allerlei acties van fairs tot en met optredens van koren. Kan niet anders zeggen dat ik bewondering heb voor uw betrokkenheid bij het welzijn van vele mensen in binnen- en buitenland. Het komt u van harte toe dat het Zijne Majesteit heeft behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.     

 

Mevrouw Toos de Kroon-Broeke

Mevrouw De Kroon, net als uw man Frans, bent u zeer betrokken bij het wel en wee van uw omgeving. ‘Toos en Frans zijn bijzondere mensen, zoals je ze niet vaak tegenkomt’, zo begreep ik van mensen uit uw omgeving. Op allerlei manieren zet u zich ‘in stilte in, met een optimistische blijde inzet’,
zo is mij verteld. Van 1972 tot 2000, dus bijna 30 jaar lang, heeft u veel betekend voor de liturgie en de catecheses in de Bavoparochie. Zo was u voorgangster in woord- en communievieringen, gaf u catecheselessen aan jongeren en vormelingen werkte u mee aan oecumenische vredesdiensten bewerkte u psalmen en hielp u mee met het opzetten van de parochiebibliotheek. En deze opsomming is dan nog verre van compleet ...  
Vanaf 2000 bent u aan de slag gegaan bij zorgorganisatie De Rijnhoven, locatie Vijverhof te Harmelen. Hier stond u bekend als een zeer betrokken vrijwilligster, die zich op een bijzonder prettige en vriendelijke manier inzette voor de bewoners. U bracht hen naar de kerkdienst, zorgde voor een kopje koffie, een praatje en een luisterend oor. Daarnaast hielp u mee tijdens de grote activiteiten voor de bewoners. Helaas moest u dit vrijwilligerswerk vanwege uw gezondheid stopzetten.  Vind het wel bijzonder dat u sinds 3,5 jaar nog wel actief bent als taalmaatje voor vrouwelijke Syrische vluchtelingen.  Net als uw man heeft ook u een warm hart voor ontwikkelingsprojecten in landen als Thailand, Madagaskar (via de Stichting Ezaka) en Togo. Ik concludeer: u bent een bijzonder mens en dat vraagt om een bijzondere waardering,
in dit geval een onderscheiding. Het heeft Zijne Majesteit namelijk behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

 

De heer Jan van Kuik

Meneer Van Kuik, als iemand zou vragen wat de Utrechtse Tafeltennis Club (UTTC) en de St. Antoniuskerk met elkaar gemeen hebben, dan is daar niet zo eenvoudig antwoord op te geven. Vandaag lossen we dit raadsel op, want u, meneer Van Kuik, bent de oplossing. Met uw technische ervaring heeft u zowel de verbouwing van het UTTC Home begeleid, als ook de restauratie van de St. Antoniuskerk. En of je nou gelovig bent of niet: de vele kerken die Utrecht kent, zijn een sieraad voor de stad en in veel gevallen zijn deze aangewezen als Rijksmonument. Zo ook de St. Antoniuskerk. In augustus 1902 werd begonnen met de bouw en op 13 juni 1903 werd de kerk ingewijd. De kerk werd ontworpen door Jan Stuyt en Joseph Cuypers en is geïnspireerd door de Italiaans-Romaanse bouwstijl. De toren werd pas in 1924 afgebouwd. Tijdens de werkzaamheden in 2005 is bijvoorbeeld de buitenzijde volledig gerestaureerd, het glas in lood hersteld, en is de wijzerplaat van het uurwerk op de toren aan de westkant onderhanden genomen. Een monnikenwerk. Deze grote wijzerplaat bestaat namelijk uit allemaal kleine gebakken tegeltjes, die zijn gedemonteerd en opnieuw aangebracht. U heeft dit alles met tomeloze inzet en grote voortvarendheid in goede banen geleid.
Die ervaring kwam u later goed van pas toen u in de periode 2011-2015 bestuurslid was van de fusieparachie St. Ludgerus en verantwoordelijk was voor het onderhoud en beheer van de zes monumentale kerkgebouwen. Over die fusie: dat was een pittig traject, waarbij u was betrokken als gesprekspartner namens de St. Antoniuskerk. Ook in dit soms lastige traject toonde u uw werklust en was gericht op het gezamenlijk belang van de parochies. Na de fusie werd besloten om vijf van de zes kerken te sluiten en te verkopen. Voor de Sint Antoniuskerk zou het doek vallen. Dat zorgde voor een grote schok onder de parochianen. Ze hebben daar hun kinderen laten dopen, zijn er getrouwd en hebben uitvaarten meegemaakt. Maar financieel was het niet meer op te brengen. U heeft de verkoop begeleid én ervoor gezorgd dat het gebouw behouden bleef voor de wijk en de stad. Het leidde tot de oprichting van de Stichting Stadsklooster, die culturele en maatschappelijke programma’s wil organiseren. Het kerkgebouw werd verkocht aan een Utrechts vastgoedbedrijf die het gebouw de komende tien jaar gratis mag gebruiken. U bent nog altijd betrokken bij de aanpassingen aan het kerkgebouw, om het geschikt te maken voor de nieuwe bestemming als Stadsklooster. De mensen om u heen, typeren u als betrouwbaar, betrokken en loyaal. U inzet geldt niet alleen voor materieel erfgoed, maar ook ‘immaterieel erfgoed’, want u bent bijvoorbeeld de initiatiefnemer van het jaarlijkse ouderenreisje vanuit de Antoniusgemeenschap en de organisator van de jaarlijkse vrijwilligersavond. U vergeet dan nooit om de vrijwilligers te bedanken voor hun bijdragen. Vandaag willen we u hiervoor bedanken, want het heeft Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

Mevrouw Cecilia Lansang-Francisco 

Mevrouw Lansang, u heeft een bijzonder en uniek levensverhaal, dat toch voor veel mensen heel herkenbaar is en waarmee u velen heeft kunnen helpen. U bent namelijk geboren op de Filippijnen. In uw studietijd werd u activiste in de protestbeweging tegen dictator Marcos. Politiek bepaalde uw leven en handelen en zo zat u van 1973 tot 1976 in de gevangenis.
Daarna nam uw leven een andere wending. U werd geraakt door de boodschap van het evangelie en sindsdien heeft dit uw handelen bepaald. De strijd tegen onrecht bleef de rode draad in uw leven. In 1992 verliet u de Filippijnen om u bij uw man in Utrecht te voegen. U begon hier helemaal opnieuw, kende niemand en moest eerst de taal leren. U liet zich niet ontmoedigen en al snel legde u contact met andere Filippino’s en nodigde hen uit om samen met hen over het geloof te spreken. Dit was de kiem voor de huiskerk die u in 1995 startte en van waaruit de kerkgemeenschap ‘Word International Ministries’ ontstond. Deze gemeenschap is gericht op mensen uit Zuidoost-Azië en heeft nu vestigingen in heel Europa. In Utrecht komt u samen in de Johannes/Bernardus Kerk. U bent van deze kerk jarenlang de voorganger geweest. U ondersteunde de gemeenteleden niet alleen in het geloof, maar ook in hun dagelijkse leven. U gaf advies, bood een luisterend oor of een schouder om op te huilen. Voor veel mensen die verder geen familie hebben bent u een tweede moeder geworden. Een gemeentelid verwoordde uw inzet heel treffend – en ik citeer: ‘Je kunt het zo gek niet bedenken, maar altijd is daar Cecilia, een rots in de golven’ Onder uw leiding is de kerk zich ook gaan richten op Filipijnse zeelui die in de Rotterdamse haven aanmeren. Om hen een hart onder de riem te steken voor de lange tijden dat zij op zee zijn. Die aandacht voor de mensen om u heen kwam ook tot uiting in uw vrijwilligerswerk voor Stichting Bayanihan, het centrum voor Filipijnse vrouwen in Nederland.  Er wonen bijna 20.000 Filippino’s in Nederland en 80% daarvan is vrouw. Deze stichting bevordert de emancipatie van deze Filipijnse vrouwen en helpt hen waar mogelijk in conflictsituaties.
Tenslotte is onder uw leiding een stichting gestart ‘Seeds of Hope’, om Filipijnse kinderen in Manilla te helpen om naar school te gaan. Kortom, waar u ook komt en waar u zich ook inzet: u bent iemand die hoop brengt, bruggen bouwt, mensen de juiste richting wijst.  Dat valt op. Daarom heeft het Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

De heer Freek Luider

Meneer Luider, is niet één van de aardige dingen van deze tijd van het jaar dat je het getjilp en gezang van de vogels hoort. Maar als je lid bent van een vogelvereniging, is het twaalf maanden lang genieten geblazen. In de Domstad hebben we de Eerste Utrechtse Kanarie Vereniging. U bent al 40 jaar lid van de EUKV. Als jochie was u al vogelliefhebber en in 1980 werd u lid. Dat beviel u zo goed dat u na een jaar de bestuurskamer binnen fladderde. Als secretaris groeide u uit tot de drijvende kracht van de vogelvereniging. U had ooit honderden vogels, maar vanwege uw gezondheid kon dat niet meer. Maar de liefde voor EUKV bleef. Tentoonstellingen, vogelbeurzen en allerhande clubactiviteiten organiseren deed u fluitend. Als er bij u thuis werd vergaderd, werd eerst vliegensvlug de agenda afgewerkt en vervolgens ging het de hele avond over de kanaries. Heb me laten vertellen dat het een gekwetter was… Alsof je midden in een volière stond – was daar graag eens bij geweest.  
U groeide uit tot boegbeeld van de club. Toen EUKV in 1999 haar eeuwfeest vierde, was de club op sterven na dood. Te weinig leden, een donkere toekomst, een leeg nest dreigde …. Maar onder uw vleugels nam het ledental toe en werd het weer een bloeiende vereniging. In februari nam u afscheid als bestuurslid. U vond het mooi geweest. Maar weet zeker dat u ’s nachts in uw slaap de Cubavink, de Tijgervink en de Zebravink nog hoort zingen. Misschien tjilpten ze al eens in uw oor en anders herhaal ik het hier nog eens: ijne Majesteit de Koning heeft besloten u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

 

De heer Jan Willem Maas  

Meneer Maas, Het jaar 2020 heeft geleerd, hoe belangrijk sport voor ons is. Wat het betekent als we opeens geen sportwedstrijden kunnen kijken. We samen geen potje meer kunnen voetballen of hockeyen. U weet het als geen ander, want sport loopt als een rode draad door uw leven. Tien jaar bent u bestuurslid van NOC*NSF, de laatste vier jaar vicevoorzitter. U werkt samen met 76 sportbonden, 25.000 verenigingen en 4,5 miljoen sporters. 
Maar ook dichter bij huis was en bent u actief. Acht jaar was u bestuurslid van SV Kampong en voorzitter van SV Kampong Hockey – ‘s werelds grootste hockeyclub. Onder uw voorzitterschap kwamen er extra velden voor de hockeyers en voetballers van Kampong. Onder u werd de club groter, toegankelijker en inclusiever… Bij Kampong is iedereen welkom. U was een groot voorvechter van het G-hockey bij de club. U vindt dat kinderen als ze het thuis niet breed hebben, ook moeten kunnen hockeyen. Dankzij uw inspanningen kunnen zij met financiële hulp ook lid worden van Kampong. En u kreeg meer voor elkaar: de tophockeytak nóg professioneler – en de resultaten spreken voor zich. Er kwam een nieuw clubhuis, zeg maar ‘verenigings-villa’, de grootste van het land. Het gebruik van alcohol door de jeugd werd door u aan banden gelegd, en u weet altijd vele vrijwilligers te enthousiasmeren en aan Kampong te binden. Ook in uw huidige rol als voorzitter van de beheersstichting van Kampong Hockey blijft u actief betrokken bij het wel en wee van blauw-wit.
En we zijn nog niet klaar, u was jarenlang een actief lid van Utrecht Developement Board, een groep vrijwilligers die de kwaliteit van de stad – ik juich dat van harte toe - wil verbeteren. Dat gebeurde onder meer door uw actieve betrokkenheid bij de fusie van Utrechtse sportverenigingen. U bent het levende bewijs dat vrijwilligerswerk topsport is. Reden genoeg voor Zijne Majesteit de Koning u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.          

 

De heer Frans Middelham

Meneer Middelham, we hebben in Nederland verkeerslichten waarmee we auto’s tijdens de spits beurtelings op de snelwegen kunnen laten invoegen. Dat doseren van verkeersstromen is een van de wapens in de strijd tegen de files. Toen u bij Rijkswaterstaat werkte, haalde u dat systeem naar Nederland. Hoop dat veel automobilisten u dankbaar zijn, maar het is niet de reden dat u vandaag hier bent. U bent al meer dan 25 jaar actief voor de Dominicuskerk, in Oog in Al – mijn oude woonwijk. Als redacteur van parochieblad ‘Gesprek’ verzamelt u kopij, maakt het blad en beheert het adressenbestand. Als koster zorgt u al 20 jaar dat de zondagsdiensten ordelijk verlopen en drukt u de boekjes. Als kerkkoren in het kerkgebouw repeteren, zit u aan de knoppen van het geluid en maakt u op verzoek - met uw zoon - beeld- en geluidsweergaven. U bent ‘chef kerststal’: u zorgt ervoor dat zowel binnen als buiten de kerk een mooie kerkstal staat. Als er exposities of snuffelmarkten zijn, of andere evenementen, dan kunnen ze op u rekenen. En u pleegt onderhoud aan de kerk. Kleine klusjes aan het hang- en sluitwerk, verlichting, verwarming en geluidsinstallaties. Dat doet u gewoon, zonder dat u zichzelf op de borst klopt. Geen woorden, maar daden. U woont in Rotterdam, toch…? Met die praktische inslag bent u ‘het Rijkswaterstaat van de Dominicuskerk’. 
Naast uw werk voor de parochie bent u actief betrokken bij de Stichting Noodopvang Dakloze Vreemdelingen Utrecht. Dit neemt u zeer serieus. U beschouwt het als uw opdracht om vluchtelingen die tussen wal en schip zijn geraakt te helpen. U zorgt dat de telefoon het doet, de ICT naar behoren werkt, u onderhoudt contacten met de bank, kortom u zorgt dat de medewerkers van de Noodopvang hun belangrijke werk kunnen doen. Indien nodig, legt u eigenhandig een ingezakte stoep opnieuw aan.
Ook voor kamerkoor Amor Vincit steekt u de handen uit de mouwen. U bent daar webmaster en helpt - waar haalt u de tijd eigenlijk vandaan? - mensen die gedoe hebben met hun telefoon of computer. U bent een harde werker en tegelijkertijd - zo heb ik gehoord – altijd heel bescheiden gebleven. De bescheidenheid siert u, maar vandaag mag u die wat mij betreft even opzijschuiven. Want ik mag u vertellen dat Zijne Majesteit de Koning heeft besloten u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.       

 

De heer Peter van Ooijen

Meneer Van Ooijen, al 15 jaar werkt u als vrijwilliger op basisschool KBS De Spits (Lunetten). U bent daar iedere dag te vinden om al die klusjes te doen waar de leerkrachten maar weinig aan toekomen. ’s Ochtends bent u meestal als eerste op school om iedereen te ontvangen met heerlijke, vers gezette koffie en thee. Vervolgens gaat u aan de slag met de was, verricht allerlei reparaties en haalt de boodschappen. Maar uw inzet gaat nog veel verder ... Want met veel liefde plakt u de lekke banden van de kinderen en in een enkel geval zelfs die van de ouders … Voor de meeste kinderen is de musical in groep 8 één van de hoogtepunten in het basisschoolbestaan. Bij KBS De Spits is een musical geen succes als u uw bijdrage er niet aan heeft geleverd. Immers; u verzorgt jaarlijks (de opbouw van) het decor.  Heel kenmerkend is ook dat u zich inzet voor mensen die getroffen zijn door narigheid. Dan gaat u in het weekend naar ze toe om allerlei klusjes op te knappen.
Wanneer u niet op school bent, dan kunnen ze u vinden in MerkAz  aan de Magdalenastraat. Het Centrum voor Joodse Cultuur en de thuishaven van de Liberaal Joodse Gemeente in Utrecht. U bent in de ogen van velen de personificatie van MerkAz. U kent elke steen, elke centimeter en elke spijker van het gebouw. Voor ieder technisch probleem weet u een oplossing, u bent degene die iedere bezoeker verwelkomt en - ongeacht het uur van de dag - springt u op de fiets om hulp te bieden of in te grijpen als dat nodig is.  En als de Joodse gemeente bij elkaar komt, bent u ook hier - meestal - als eerste aanwezig, zet de koffie, zorgt dat de synagoge klaar is voor de dienst en verwelkomt de gasten met een grote glimlach.
Het spreekt voor zich  dat zowel uw bijdrage voor KBS De Spits als voor MerkAz en de Liberaal Joodse Gemeenschap zeer gewaardeerd wordt. U bent eigenlijk onmisbaar. Hiermee loopt u niet te koop, want u bent een bescheiden iemand die liever op de achtergrond opereert. Nu staat u, heel terecht, toch even in het middelpunt van de belangstelling, want het heeft Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

De heer René Peters

Meneer Peters, u bent iemand die zich zeer inspant om ‘het goede tot stand te brengen’. Dat is wat meerdere mensen uit uw omgeving mij hebben laten weten. Een mooie samenvatting van datgene wat u heeft weten neer te zetten. En dat is niet gering. Na eerdere managementfuncties in het Streekziekenhuis Hilversum en het Merwedeziekenhuis in Dordrecht, kwam u in 1995 te werken als directeur patiëntenzorg in het Kennemer Gasthuis in Haarlem. Dit ziekenhuis bestond ten tijde van uw aantreden uit drie recent gefuseerde ziekenhuizen. U trof een fusieziekenhuis aan, met een negatief eigen vermogen een negatieve exploitatie, en ernstig verouderde gebouwen, met risico’s voor de patiëntenzorg. U vervulde een prominente rol in de pijnlijke en maatschappelijk beladen – maar noodzakelijke – sanering.   Mede onder uw leiding is het ziekenhuis in stabiel financieel vaarwater gekomen, kwalitatief op orde gekomen en toegetreden tot de Samenwerkende Top-klinische opleidingsziekenhuizen. Dit alles bracht u tot stand op een bijzonder gestructureerde en consciëntieuze manier en in meerdere opzichten was u uw tijd ver vooruit.  
U was de drijvende kracht achter verschillende innovaties in de zorg. De start van de eerste huisartsenpost in Nederland, is misschien wel de bekendste hiervan. U was betrokken bij de introductie van kraamsuites om de klinische geboortezorg vriendelijker en humaner te laten verlopen.
Ook stond u aan de basis van een nieuw format in de intensive care, waarbij de regie over de zorg berust bij een team intensivisten.  Deze innovaties zijn inmiddels landelijk doorgevoerd. U toonde zich daarbij keer op keer bekwaam en doortastend om barrières te slechten, conflicten te voorkomen en op te lossen. De kwaliteit van de zorg stond hierin altijd voorop.  Zo stond u aan de wieg van het Nederlands Instituut voor Accreditatie in de Zorg (NIAZ) en was u bestuurlijk actief binnen de Nederlandse Vereniging van Ziekenhuizen.  
Veel deed u in uw privé-tijd, vanuit uw bevlogenheid voor de gezondheidszorg. Uw kennis van de gezondheidszorg in het algemeen en de strategisch politieke krachten daarbinnen, gekoppeld aan uw overtuigingskracht, maakte uw inbreng voor het zorgveld zeer waardevol.   Ook buiten de zorg heeft u zich in tal van (bestuurs)functies ingezet voor de medemens, zowel in binnen- als buitenland. Dan denk ik aan uw inzet voor het Instituut voor Mensenrechten en Medisch Onderzoek (iMMO), de Stichting Leer Anderen Helpen (SLAH) en Amnesty International. Van het ontwikkelen van de juiste Organisatievorm tot fondsenwerving. 
Conclusie: uw inzet is van grote betekenis geweest, voor de Nederlandse samenleving, maar ook ver buiten onze landsgrenzen.  Daarom heeft het Zijne Majesteit behaagd u te benoemen tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

Ariane de Ranitz

Mevrouw De Ranitz, ik word geacht voor één uur klaar te zijn, maar als ik uw staat van dienst zie, wordt het nog kielekiele. Want wat heeft u niet gedaan? Al 25 jaar bent u actief betrokken bij Stichting De Vrije Jeugdkerk en Kampen. U deed hier de jeugdadministratie, was voorzitter van de Boerderijcommissie en u zette zich in voor het eeuwfeest van de stichting, twee jaar geleden alweer. U bent een groot bewonderaar van de politiek tekenaar Louis Raemaekers, één van de bekendste politiek tekenaars tijdens de Eerste Wereldoorlog.
U bent zeer betrokken bij de stichting die zijn naam draagt. U herschreef uw eigen proefschrift, was actief betrokken bij Louis Raemakers-exposities in binnen- en buitenland.  En mede dankzij u is er nu een Louis Raemakersbrug, kreeg zijn geboortehuis een plaquette en kwam er een Louis Raemakers-website.  
Wat dichter bij huis bent u jarenlang actief voor de Stichting Vrienden van de Mytylschool Ariane de Ranitz. De school, vernoemd naar uw tante, biedt onderwijs aan kinderen en jongeren met een lichamelijke beperking. De stichting zet zich in voor voorzieningen op school. Maar ook voor de werkweken, met aangepast vervoer en aangepaste overnachtingsplekken. De kinderen genieten van een onvergetelijke week en de ouders kunnen hun zorgtaken even aan anderen overlaten.   Verder kennen wij u als: bestuurslid van de Mytylstichting Utrecht en Omstreken.
U was bestuurslid en secretaris van Stichting Pers & Prent.U bent bestuurslid en voorzitter van de Stichting K.F. Hein Fonds Monumenten, bestuurslid van de Stichting Henriëtte Zoete (SHZ), en regent en secretaris van de 'De Winter-Heijnsius Stichting'. 
De één verzamelt postzegels, u stapelt vrijwilligerswerk op vrijwilligerswerk.   Bewonderenswaardig. Zijne Majesteit de Koning vindt dat ook en heeft besloten u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.  

 

De heer Driss Sayekh

Meneer Sayekh, je hebt mensen die een drukke baan hebben, ook thuis flink de handen uit de mouwen steken en dan nog tijd over hebben voor vrijwilligerswerk. En dan zijn er mensen die ontzettend veel vrijwilligerswerk doen. Niet omdat ze zeeën van tijd hebben, maar omdat ze er zoveel energie van krijgen. Tot die categorie behoort u, meneer Sayekh …
U richtte bij 20 jaar geleden Stichting Utrecht Breed op. De stichting brengt buurtbewoners in Vleuten - De Meern samen door activiteiten voor jong en oud te organiseren. Bakken, koken en knutselen op dinsdag bij Speeltuin De Albatros. Of iedere woensdag lekker Zumba-en in Buurtcentrum De Pijler. Taallessen, culturele activiteiten, of lekker een potje biljarten: dankzij Stichting Utrecht Breed is Vleuten – De Meern ‘the neighbourhood that never sleeps’.
En in die wijk waar altijd wat te doen is, bent u de sleutelfiguur. Als penningmeester beheert u de kas. U organiseert de activiteiten. Haalt het beste in de vrijwilligers en medewerkers naar boven. Daarnaast geeft u les in de Arabische taal en beheert u vanuit de stichting de speeltuinen De Albatros en De Balije. In buurtcentrum De Pijler bent u voorzitter van de gebruikersraad, u treedt op als gastheer en draait mee in het restaurant. Ook op straat bent u actief, als oprichter en coördinator van de buurtvadergroep van Vleuten - De Meern. Ze noemen u buurtvader, wijkvader, mediator, luisterend oor, bruggenbouwer en vooral … een vriend. 
En heel bescheiden, heb ik gehoord. Nergens voor nodig, want u doet veel meer. Want u bent ook nog eens lid van het Bondgenotenoverleg, waarin problemen in de Utrechtse wijken worden besproken. En u houdt iedere zaterdag sportactiviteiten voor vaders en zonen en u bent scheidsrechter bij VV De Meern. Heb begrepen dat u thuis daarom wat minder huishoudelijke klusjes hoeft uit te voeren, anders had u die vast ook nog gedaan ... 
U heeft een indrukwekkende to do-lijst, meneer Sayekh, en dat is ook Zijne Majesteit de Koning niet ontgaan. Mag u het goede nieuws vertellen dat hij heeft besloten u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

 

Mevrouw Els Schijf  

Mevrouw Schijf, tien jaar geleden verschenen twee boekjes: ‘Genderdysforie en school’ en - prachtige titel… - ‘Hoera, het is een mensje’. U kent deze boeken, want u heeft ze geschreven. En u kon putten uit uw eigen ervaringen van een ouder met een transgender kind. U weet als geen ander wat een kind dan moet doormaken. De twijfels, alle vragen, hoe reageren ouders, vriendjes en vriendinnetjes… Kinderen en jongeren zijn heel kwetsbaar, voor jonge trans personen kan de jeugd soms traumatisch verlopen. Terwijl ze juist dan alle begrip en steun nodig hebben. Ook voor hun ouders is het niet makkelijk, ook u heeft daar veel ervaring mee. Die ervaring wilde u delen met anderen.  Al meer dan twintig jaar zet u zich met hart en ziel in voor transgender kinderen, jongeren, volwassenen én hun ouders. 
Dat begon bij Vereniging Humanitas, Werkgroep Transseksualiteit en Gender Dysforie - en later Transvisie. U groeide hier uit tot - vergeef me de woordspeling - de draai-Schijf van de organisatie. Als bureaumedewerker, redacteur en auteur. Als enthousiast beheerder van de Transvisie-facebookpagina.
Daarnaast richtte u lotgenotencontactgroep Berdache op. U werd actief lid van de klankbordgroep Online Training Jong & Transgender. U bent veelgevraagd spreker op scholen, in zelfhulpgroepen en op conferenties in binnen- en buitenland. U bent contactpersoon voor zusterorganisaties, zorgverleners en zorgverzekeraars. U zoekt de politici op, om op te komen voor de rechten van transpersonen en hun ouders. U heeft de tijd meegemaakt dat bijna niets geregeld was voor trans kinderen en hun ouders. De informatievoorziening nog flinterdun was…  U heeft veel informatie beschikbaar en toegankelijk gemaakt. En als iemand een vraag heeft waarop u niet meteen een antwoord heeft, zoekt u net zo lang door tot alle informatie op tafel ligt.
U bent intelligent, doortastend en gezegend met een groot hart. Zonder uw inspanningen was de emancipatie van transgender kinderen en jongeren niet waar hij nu is. Met uw werk heeft u deuren geopend die lang dicht blijven. Zijne Majesteit de Koning heeft daar grote waardering voor en hij heeft besloten u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.   

 

De heer Simon Timmerman         

Meneer Timmerman, de geschiedenis herhaalt zich vandaag, want afgelopen januari stonden we ook al tegenover elkaar. We stonden toen stil bij het 70-jarig bestaan van COC Midden-Nederland. Een verjaardag met een lach en een traan, want u nam toen afscheid als voorzitter. En weet zeker dat u gemist wordt, want in die vijf jaar heeft u een grote bijdrage geleverd aan de emancipatie van lesbische vrouwen, homoseksuele mannen, biseksuele, transgender- en interseksuele personen in Utrecht en omgeving.
U bent de geestelijk vader van de Walk of Love in Utrecht. En u stond aan de wieg van de lokale Regenboog Stembusakkoorden tijdens de gemeenteraadsverkiezingen van 2018.  Dankzij een uitgekiende campagne hebben 20 gemeenten in de provincie Utrecht verklaard om zich maximaal in te spannen om LHBTI-emancipatie te bevorderen.    Bijvoorbeeld door jongeren te ondersteunen, te zorgen voor meer veiligheid op straat en zich in te zetten voor biculturele en religieuze LHBTI’s, asielzoekers, ouderen, transgender personen en mensen met een beperking. U zorgde ervoor dat de Stembusakkoorden geen vrijblijvende verkiezingsstunts werden, maar echt verankerd in het dagelijkse doen. Bij iedere gemeente werd gecontroleerd of beloften ook echt werden omgezet in beleid. 
Bij korfbalvereniging VIKO in Vianen en stichting PANN leerden zij u al kennen als een enthousiaste vrijwilliger. Bij de korfbalclub was u redactielid, jeugdtrainer/coach en lid van de activiteitencommissie. Met net iets anders dan de standaard activiteiten, zorgde u voor een creatieve noot en bezorgde u jonge en oudere korfballers een leuke tijd bij VIKO. Bij stichting PANN was u als bestuurslid betrokken bij veel activiteiten, zoals Roze Zaterdag in Utrecht.  Uw positieve geest, uw humor, uw inzicht en bovenal en uw persoonlijke aanpak worden geroemd. 
U zult het allemaal, als u ergens afscheid nam, allemaal wel eens gehoord hebben.  Wat ik u nu ga vertellen, had u al gehoord, maar sommige dingen hoor je nu eenmaal graag voor de tweede keer - namelijk dat Zijne Majesteit de Koning heeft besloten u te benoemen tot Ridder in de Orde van Oranje-Nassau.

 

De heer Krijn van Veen

Meneer Van Veen, in een landelijk dagblad stond een paar jaar geleden een artikel over de christelijke gereformeerde kerk van Utrecht-Centrum, de Singelkerk, die toen 125 jaar bestond. De diaken omschreef heel kernachtig deze kerkgemeenschap, en ik citeer: “Wij zijn niet de hipste kerk van de stad ... Niet de grootste gemeente van Utrecht ... En hebben ook niet de meest blitse diensten ...  We willen gewoon als christelijke kerk aanwezig zijn in de stad, waar we het Evangelie mogen doorgeven aan iedereen die dat maar horen wil.” Einde citaat …
Oké: niet groot, niet hip, niet blits, maar wel een kerkgemeenschap die vasthoudt aan tradities.  Eén van die mooie, rotsvaste tradities bent u, meneer Van Veen. Want u bent al sinds 1975 als organist verbonden aan de Singelkerk. Heb me laten vertellen dat u op 15-jarige leeftijd al achter het kerkorgel zat, al dan niet met toestemming van de Kerkenraad … U bent sinds 1984 hoofdorganist van deze kerk. Net als uw liturgisch besef heeft ook uw muzikale smaak zich ontwikkeld en daar profiteert de hele kerkgemeenschap van. Want mede dankzij u staat de kerkzang op hoog niveau. Daarnaast brengt u uw liefde voor muziek op anderen over. Bij speciale diensten brengt u een gelegenheidskoor op de been. U speelt doordeweeks tijdens huwelijken en uitvaarten. Daarnaast was u binnen uw kerkgemeente: diaken, lid van de Orgelcommissie, lid van de Liturgiecommissie, nam u zitting in verschillende commissies en bent u nog steeds penningmeester van de kerk. Daarnaast haalt en brengt u kerkgangers die niet meer zelfstandig naar de kerk kunnen.
De christelijke gereformeerde kerk van Utrecht-Centrum is misschien niet de grootste, de hipste en heeft geen blitse diensten, maar kan wel bestaan mede dankzij hardwerkende en bevlogen vrijwilligers als u.  Al jaren bent u de onmisbare steunpilaar voor deze kerkgemeente. Voor Zijne Majesteit de Koning reden u te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.