Duurzaam ondernemen Duurzaam bouwen en ontwikkelen

Utrecht wil een klimaatneutrale stad zijn. We willen dat gebouwen en gebieden die nu in ontwikkeling zijn, zoveel mogelijk aan die wens bijdragen. Voor bouwers en ontwikkelaars zijn hiervoor hulpmiddelen.

Duurzaam bouwen: licentie GPR-gebouw

Met de gemeentelijke praktijkrichtlijn voor duurzaam bouwen (GPR-gebouw) kunt u uw bouwplan doorrekenen en zien hoe het staat met de duurzaamheid. Wilt u in Utrecht bouwen en werken volgens de GPR? Via de gemeente kunt u een deellicentie krijgen. Stuur daarvoor een e-mail naar duurzaamheidsteam@utrecht.nl.

Duurzaam ontwikkelen: Utrechts Energie Protocol

Het Utrechts Energie Protocol helpt projectontwikkelaars en bouwbedrijven om hun plannen klimaatneutraal te maken.

Wat is het Utrechts Energie Protocol?

Het Utrechts Energie Protocol is een stappenplan voor het maken van klimaatneutrale plannen. Het helpt te zorgen voor energiebesparing, hergebruik van energie en het opwekken van duurzame energie. Het Utrechts Energie Protocol gaat stuurt aan op gebouwen of gebieden die in gebruik klimaatneutraal zijn. Het energieverbruik voor de bouw- en sloopfase blijft buiten beeld.

De richtlijn is:

  1. bereik eerst zoveel mogelijk op gebouw- of perceelniveau
  2. kijk daarna naar de mogelijkheden binnen het gebied of op buurt- en wijkniveau
  3. kijk ten slotte pas verder buiten het plangebied voor het opwekken van duurzame energie

Voor wie?

Het protocol is een hulpmiddel voor projectontwikkelaars en bouwbedrijven die starten met een nieuwbouwproject in Utrecht. Ook bij het ontwikkelen van projecten op gemeentelijke grond via aanbestedingen gebruiken we het Utrechts Energie Protocol. De uitgangspunten staan dan in de voorwaarden van de aanbesteding.

Stappenplan

Het stappenplan bestaat uit 3 stappen en een energievisie (stap 0). Stap 0 van dit stappenplan voert u uit voordat u begint met het ontwerp van het project. Stap 1 tot en met 3 doet u tijdens de ontwerpfase.

We maken steeds onderscheid tussen warmte en koude en elektriciteit:

  • Warmte en koude
    Gebouwen hebben warmte en koude nodig. Er zijn verschillende duurzame manieren om warmte en/of koude te leveren aan een gebouw. Denk aan zonnecollectoren, bodemenergiesystemen of luchtwarmtepompen.  Ook zijn er allerlei maatregelen die zorgen voor een laag energieverbruik voor warmte- en koudelevering en warm tapwater. Bekende voorbeelden zijn vloer-, dak- en gevelisolatie en zonwering.
  • Elektriciteit
    Gebouwen hebben elektriciteit nodig voor ventilatie, verwarmings- en koelinstallaties, verlichting en (huishoudelijke) apparatuur. Belangrijke besparingsmaatregelen zijn het gebruiken van energiezuinige apparaten en verlichting. Gebouwen kunnen zelf ook elektriciteit opwekken, bijvoorbeeld door het plaatsen van zonnepanelen op het dak of de gevel.

Stap 0: Begin met een energievisie

Bekijk voordat u begint met het ontwerp van het nieuwbouwproject wat de mogelijkheden zijn om energie op te wekken. Kijk daarbij naar het ontwikkelgebied zelf en naar de directe omgeving. Denk aan warmte- en koudeopslag in de ondergrond, thermische energie uit oppervlaktewater en restwarmte van een fabriek in de buurt. En wat zijn de mogelijkheden om duurzame elektriciteit op te wekken in het ontwikkelgebied en de directe omgeving? Kunnen er zonnepanelen komen op water, op een geluidswal of op een parkeerplaats? Ook is het handig om nu al te onderzoeken welke energie-infrastructuur er in en om het gebied ligt.

U kunt uw bevindingen opschrijven in een energievisie. Hierin staat, vooral bij grote nieuwbouwprojecten, een uitgebreide analyse van de verschillende mogelijkheden. Vergelijk de mogelijkheden op basis van duurzaamheid, ruimtebeslag en de totale eigenaarskosten (tco). Bij kleinere percelen of de ontwikkeling van 1 of een paar gebouwen is een kortere beschrijving of quickscan voldoende.

Stap 1: Klimaatneutraal op gebouw- of perceelniveau

Warmte- en koude
  • Bepaal voor het gebouw of perceel hoe het energieverbruik voor verwarmen en koelen teruggebracht en geoptimaliseerd kan worden. Maak de energievraag kleiner. Bijvoorbeeld met goede gebouwisolatie, een slimme indeling en het terugwinnen van warmte uit douchewater en ventilatie. Denk ook aan het beperken van oververhitting, met zonwering of een slim koelsysteem.
  • Er zijn veel mogelijkheden om duurzame warmte op of rond het gebouw op te wekken. Denk aan zonneboilers, bodemwarmte en warmtepompen die gebruikmaken van de buitenlucht. Kan er meer warmte of koude opgewekt worden dan er verbruikt wordt? Onderzoek dan of u de overschotten beschikbaar kunt stellen aan de omgeving.
  • Bepaal hoe u het opwekken van energie binnen het gebouw of perceel kunt verbeteren. Bijvoorbeeld door het warmteafgiftesysteem goed af te stemmen op de mate van isolatie in het gebouw.
Elektriciteit

Bepaal voor het gebouw of perceel de laagst mogelijke elektriciteitsvraag.

  • Gebruik energiezuinige apparaten en verlichting.
  • Door een slim ontwerp kan het gebouw veel zonnewarmte opvangen. Daardoor is de energievraag lager. Zorg dat zonnepanelen zoveel mogelijk zonlicht opvangen. Probeer zoveel mogelijk elektriciteit op te wekken. Bepaal bijvoorbeeld wat de beste manier is om zonnepanelen te plaatsen. Kijk of de gevel ook bruikbaar is. En onderzoek of u eventuele overschotten beschikbaar kan stellen aan de omgeving.

Stap 2: Klimaatneutraal op gebiedsniveau

Warmte- en koude

Probeer zelfvoorzienend te zijn in de warmte- en koudebehoefte binnen het gebied.

  • Zorg voor een zo laag mogelijke energievraag. Bijvoorbeeld door het uitwisselen van energie tussen gebouwen. Een voorbeeld: moderne kantoren beginnen te koelen zodra de temperatuur buiten hoger dan 12 graden is. Woningen hebben rond deze temperatuur nog steeds warmte nodig. Dat biedt kansen om warmte uit te wisselen.
  • Verbeter het opwekken van energie binnen het gebied. Bijvoorbeeld door een bodemenergiesysteem te ontwikkelen op maximale capaciteit. Onderzoek dan of u de overschotten beschikbaar kunt stellen aan andere partijen. Dat is soms wenselijk omdat de ruimte in de ondergrond schaars is.
Elektriciteit

Probeer klimaatneutraal te zijn binnen het gebied.

  • Zorg voor een zo laag mogelijke elektriciteitsvraag. Voor grotere bouwprojecten kunt u bijvoorbeeld onderzoeken of gebouwen zo neergezet kunnen worden, dat ze gebruik kunnen maken van de schaduw van andere bouwwerken. Dit bespaart energie voor koeling.
  • Verbeter het opwekken van duurzame elektriciteit binnen het gebied. Vaak is er ruimte over op water, daken of grond, die gebruikt kan worden voor zonnepanelen. Wekken die meer elektriciteit op dan het gebied verbruikt? Onderzoek dan of u de overschotten beschikbaar kunt stellen aan andere partijen.

De klimaatneutraliteit van het gebouw of gebied moet voldoen aan onderstaande eisen.

  • De duurzame opwek is bij de oplevering van het eerste gebouw gereed.
  • Eventuele overschotten aan warmte- en koude en elektriciteit stelt u wanneer mogelijk (tegen vergoeding) beschikbaar aan andere partijen. Daarvoor worden de energie-installaties binnen het gebied op zo’n manier aangelegd dat ze later kunnen worden aangesloten op duurzame energievoorzieningen buiten het plangebied. Ook als deze er nog niet zijn.

Voldoet uw plan aan de eisen? Dan moet u het volgende aantonen.

  • U kunt uitleggen welk deel van de warmte- en koude- en elektriciteitsvraag van het gebouw op een andere plek binnen het gebied wordt opgewekt, en op welke manier. U kunt ook de berekeningen laten zien.
  • U kunt aantonen welke samenwerking er is tussen gebiedspartners om samen te zorgen voor de opwek en/of uitwisseling van duurzame energie in het gebied. U hebt een beschrijving van de rol van verschillende partners. Denk aan intentieverklaringen of samenwerkingsovereenkomsten.

Stap 3: Duurzame opwek buiten het plangebied

Warmte- en koude

Is het, na het nemen van eerdere stappen, niet mogelijk om het gebied zelfvoorzienend te laten zijn in de warmte- en koudebehoefte? Kijk dan naar mogelijkheden buiten het plangebied. Zoals warmte uit een nabijgelegen kanaal. Aansluiting op stadsverwarming heeft niet de voorkeur, omdat nieuwbouw vaak goed gebruik kan maken van lage temperatuurbronnen. De hoge temperatuur van het warmtenet is hard nodig voor bestaande gebouwen die moeilijk te isoleren zijn.

Elektriciteit

Is het, na het nemen van eerdere stappen, niet mogelijk om het nieuwbouwproject energieneutraal te laten zijn?  Dan is het toegestaan om te kijken naar mogelijkheden voor het opwekken van duurzame energie buiten het plangebied. Investeer bijvoorbeeld in een windmolenpark of zonneveld en gebruik de duurzame energie voor het nieuwbouwproject.

Is het nodig om buiten het plangebied duurzame energie op te wekken om aan de elektriciteitsvraag te voldoen? Dan gelden daarvoor onderstaande eisen.

  • De bron van duurzame energie levert minimaal 15 jaar de benodigde hoeveelheid elektriciteit van het gebouw of gebied. Ook als het gebouw of (delen van) het gebied van eigenaar of huurder(s) wisselt.
  • Het opwekken van duurzame elektriciteit gebeurt volgens de eisen voor Garanties van Oorsprong.
  • De duurzame energie wordt in Utrecht opgewekt.
  • Het gaat om nieuw duurzaam opwekvermogen (bijvoorbeeld een zonneweide) dat er niet zou zijn zonder de ontwikkeling van het nieuwbouwproject. De projectontwikkelaar financiert het nieuwe duurzaam opwekvermogen voor het deel dat nodig is om het nieuwbouwproject van energie te voorzien.
  • De bron van duurzame energie heeft zo min mogelijk negatieve effecten op de omgeving van de plek waar de energie wordt opgewekt. Bijvoorbeeld door rekening te houden met de lokale ecologie of wensen van omwonenden.

Voldoet uw plan aan de eisen? Dan moet u het volgende aantonen:

  • U toont aan dat het technisch of financieel onhaalbaar is om binnen het gebied klimaatneutraal te zijn. Of dat het niet mogelijk is om tegelijkertijd te voldoen aan andere gemeentelijke wensen.
  • U geeft een concrete en haalbare beschrijving van waar, hoe en door wie de duurzame energie buiten het gebied wordt opgewekt. Dit kan bijvoorbeeld in een overeenkomst (Power Purchase Agreement) of intentieverklaring.
  • U legt uit hoe het opwekken van duurzame energie gebeurt volgens de eisen in het handboek CO2-prestatieladder.
  • U geeft een analyse van mogelijke negatieve effecten op de omgeving van de plek waar de energie wordt opgewekt. En een beschrijving van compensatiemaatregelen.

Klimaatneutraal als ideaal

Met het Utrechts Energie Protocol proberen we ons ideaal te bereiken: dat er in het gebied op jaarbasis net zo veel duurzame energie wordt opgewekt als gebruikt.

In de praktijk zullen er redenen zijn om van het protocol af te wijken. Denk aan de verschillende afwegingen bij een bouwenvelop of Stedenbouwkundig Plan van Eisen (SPvE). Het klimaatneutraal maken kan misschien niet tegelijk met andere wensen in het plan, zoals circulair zijn en voorbereid zijn op klimaatverandering. We evalueren en passen het protocol eens in de zoveel tijd aan om rekening te houden met de praktijk.

Bij een aanbesteding verwerkt de gemeente het Utrechts Energie Protocol in de voorwaarden. Daarnaast helpt het Utrechts Energie Protocol de gemeente om te beoordelen hoeveel een ruimtelijke ontwikkeling bijdraagt aan de klimaatneutrale wens van de stad.

Hulp en contact Duurzaam ondernemen