Parken en groen Gewone dwergvleermuis

Utrecht staat voor diervriendelijk bouwen. Bij (bouw)werkzaamheden moet uw rekening houden met dieren die beschermd zijn door de Wet natuurbescherming. De gewone dwergvleermuis en hun verblijfplaatsen vallen onder deze wet.

De gewone dwergvleermuis is de meest voorkomende vleermuis van Utrecht. Dit diertje past opgevouwen in een luciferdoosje en heeft een spanwijdte vergelijkbaar met een mus. De mannetjes leven grotendeels alleen. De vrouwtjes vormen in de zomerperiode kraamgroepen van tientallen dieren. Een vleermuisvrouwtje kan vanaf eind mei één jong per jaar krijgen. In juli krijgen de jonge vleermuizen vliegles.

Vleermuizen zijn in het algemeen ongevaarlijk en zullen nooit in uw haren vliegen. Raak vleermuizen echter nooit aan. Er is een kleine kans dat ze bijten uit zelfverdediging en een ziekte overbrengen. Ze zorgen zelden voor overlast en brengen geen schade toe aan uw gebouw. De Wet Natuurbescherming beschermt alle soorten vleermuizen in Nederland, net als hun verblijfplaatsen.

Kwetsbare periode

De meest kwetsbare perioden voor vleermuizen zijn de zomer en de winter. In deze perioden kunnen grote groepen tegelijkertijd aanwezig zijn. In de zomer hebben vleermuizen jongen. De jongen kunnen de eerste weken na hun geboorte nog niet vliegen. ’s Winters zijn vleermuizen in winterslaap. Bij verstoring hebben ze minimaal een half uur nodig om uit hun winterslaap te komen. Hierdoor kunnen ze niet of pas te laat reageren op veranderingen in hun omgeving.

Hoe weet u of er vleermuizen in uw huis zitten?

Vleermuizen wisselen regelmatig van verblijfplaats. In de winter overwinteren ze in grotere gebouwen. In de zomer wonen ze in kleinere gebouwen zoals woonhuizen, of gebouwen dicht bij water of groengebieden. We onderzoeken welke gebouwen een essentiële functie hebben als verblijfplaats voor vleermuizen. In 2017 zijn er bij onderzoek tot nu toe 10 gebouwen in Utrecht gevonden die belangrijk zijn voor kraamgroepen (waar vleermuizen jongen krijgen). In 2018 onderzoeken we of vleermuizen deze gebouwen weer gebruiken, of dat er nog andere gebouwen gebruikt worden.

Wilt u op de hoogte blijven over dit onderzoek? Volg ons dan via Bat030 op Facebook of meld u aan via milieu@utrecht.nl.

Waar komen vleermuizen voor?

Overal in de stad komen vleermuizen voor. Naar schatting wordt 1 op de 10 gebouwen regelmatig als verblijfplaats door een of meerdere vleermuizen gebruikt.

De meeste vleermuizen verblijven in spouwmuren van huizen en andere gebouwen. Daar merkt u als bewoners meestal niets van.

Wilt u zelf op onderzoek uit?

U kunt ontdekken of er vleermuizen zijn door:

  • Op ramen, vensterbanken en muren te zoeken naar vleermuiskeutels. Ze zien er uit als hagelslagjes (zwart) en zijn tussen de vingers makkelijk te verpulveren.
  • In de vroege ochtend, rond zonsopkomst, kunt u rond uw huis te zoeken naar vleermuizen die langs en voor de gevel vliegen. Vaak draaien vleermuizen enkele rondjes in de lucht voordat ze op de muur landen en naar binnen kruipen.

Bij welke werkzaamheden kunnen verblijfplaatsen verloren gaan?

De volgende werkzaamheden aan uw huis kunnen gevaarlijk zijn voor de verblijfplaats van dwergvleermuizen:

  • na-isolatie van het dak, specifiek de ruimte tussen dakbeschot en dakpan met bijvoorbeeld 'isoparels'
  • na-isolatie van een spouwmuur, de ruimte tussen de buitenmuur en binnenmuur vullen met isolatiemateriaal
  • plaatsing van vogelschroot
  • plaatsing van dakkapellen
  • herstel van scheefliggende of gebroken dakpannen
  • herstel van losse of gescheurde loodslabben
  • onderhoud en herstel van dakgoten

Maatregelen ter bescherming

  • Voor en na de kraamtijd van vleermuizen (dus NIET tussen half mei en half juli) kunt u gaten boren om het microklimaat ongunstig te maken in spouwmuren. Samen met licht, geluid en exclusion flaps (kleppen voor een invliegopening waar vleermuizen wel door naar buiten kunnen komen, maar niet meer naar binnen) kunt u de verblijfplaats onaantrekkelijk maken. Bij bekende vleermuis-verblijfplaatsen is hiervoor een ontheffing op de Wet natuurbescherming nodig.
  • Hang exclusion flaps op. Dit zorgt ervoor de vleermuizen de verblijfplaats wel uit kunnen, maar er niet meer in kunnen. Deze maatregel mag u niet toepassen in de kraamtijd. Jongen blijven namelijk soms achter in de verblijfplaats bij ‘tantes’ terwijl de moeders op zoek gaan naar voedsel. Bij bekende vleermuis-verblijfplaatsen is hiervoor een ontheffing op de Wet natuurbescherming nodig.
  • Is uw pand een overwinteringsplek, maar wilt u renoveren of verbouwen? Dan is maatwerk nodig. In overleg met een vleermuisexpert wordt een plan gemaakt hoe om te gaan met de vleermuizen voor, tijdens en na de renovatie of verbouwing.

Meer informatie

Meer weten over de gewone dwergvleermuis? Lees in het RVO-rapport (pdf, 1,72 MB) meer over ecologisch onderzoek en  informatie, maatregelen en activiteiten.

Hulp en contact Milieu

Telefoon

14 030

E-mail

milieu@utrecht.nl