Bomen Ziekten en plagen

Ziekten en plagen bij bomen zijn een natuurlijk verschijnsel. Denk aan virussen, bacteriën of insecten. Sommige ziektes kunnen dodelijk zijn voor de boom.

Snel naar:

Bestrijden van ziekten en plagen

We willen zo veel mogelijk de natuur haar gang laten gaan. Daarom zijn we voorzichtig met het bestrijden van ziekten en plagen. We grijpen pas in:

  • als er risico’s zijn voor de gezondheid van de mens (bijvoorbeeld bij de eikenprocessierups) of risico’s voor de omgeving
  • bij een ziekte waar de boom aan sterft (zoals iepziekte)

Film over ziekten en plagen

Wilt u weten hoe we bepaalde ziekten en plagen bestrijden? Bekijk dan de film. Hierin laten we zien hoe we de kastanjebloedingsziekte en eikenprocessierups bestrijden. Het filmpje duurt ongeveer 3 minuten.

Essentaksterfte

De essentaksterfte is een schimmelziekte. Bij een boom met essentaksterfte sterven eerst de bladeren af. Vervolgens gaan de takken dood. Uiteindelijk kan de ziekte ervoor zorgen dat de hele boom doodgaat. Er is op dit moment geen middel tegen de essentaksterfte.

De gemeente inspecteerde in de zomer van 2017 alle essen. Meer informatie over de essentaksterfte en het onderzoek van de gemeente.

Iepziekte

Injecteren van iepen tegen iepziekte

De iepziekte is een dodelijke en zeer besmettelijke schimmelinfectie. Bij besmette bomen krijgen takken en bladeren geen voedsel en vocht meer, waardoor de boom op korte termijn sterft. We pakken de iepziekte dan ook actief aan. Zieke iepen halen we zo snel mogelijk weg. Een groot deel van de gezonde iepen geven we elk jaar een beschermende prik.

Als een iep eenmaal is besmet, moeten we de boom kappen. Daarvoor hebben we geen vergunning nodig. De zieke iep vervangen we door een iepensoort die wel tegen de iepziekte kan.

We willen het liefst zo min mogelijk iepen kappen. Daarom spuiten we bijzondere  iepen en iepenlanen ieder voorjaar uit voorzorg in.

Eikenprocessierups

detailfoto van eikenprocessierups
'processie' van de eikenrups

De rups is berucht om zijn brandharen in de zomer. De brandharen kunnen ernstige klachten geven: jeuk en last van de ogen en luchtwegen.

Zie ook: Gezondheidsinformatie over de eikenprocessierups

We pakken de eikenprocessierups actief aan. Dat doen we door de nesten zo vroeg mogelijk weg te zuigen. Daarnaast bespuiten we jaarlijks een aantal plekken in de stad waar de eikenprocessierups vaak opduikt. Het wegzuigen van nesten kost namelijk veel tijd. En er blijven ook altijd wel brandharen achter op de plek van het nest.

De gemeente gebruikt een middel dat ook is goedgekeurd voor biologische landbouw. Het middel wordt met een spuit in de boom geblazen. Bij mensen en andere dieren kan het geen kwaad.

Bent u eigenaar van een boom met eikenprocessierupsen? Dan bent u zelf verantwoordelijk voor het verwijderen van de rups. Het is niet verplicht, maar we raden het wel aan. De rupsen weghalen is een lastige klus. U kunt hier het beste een specialist voor inhuren: een bedrijf dat bomen verzorgt.

Pas op voor de eikenprocessierups

Net als in het hele land, heeft ook Utrecht veel last van de eikenprocessierups. Ongeveer 80% van onze eikenbomen huisvest deze rups, die brandharen heeft. Kom je ermee in aanraking, dan kan jeuk of irritatie aan ogen of luchtwegen het vervelende gevolg zijn.

We doen er alles aan om de rups te bestrijden, maar we kunnen niet alle aangetaste bomen direct behandelen. Zwembaden, kinderdagverblijven en scholen, sportparken, fietsroutes en terrassen komen als eerste aan de beurt. Andere plaatsen moeten wachten.

Wees dus gewaarschuwd en let extra goed op bij eikenbomen.

Kastanjebloedingsziekte

Kastanjebomen met kastanjebloedingsziekte

Veel kastanjebomen hebben de kastanjebloedingsziekte. De ziekte wordt veroorzaakt door een bacterie. In combinatie met een zwam-aantasting is de ziekte uiteindelijk dodelijk voor de boom. Er is nog geen betrouwbaar middel tegen deze ziekte. In Utrecht zien we de kastanjebloedingsziekte sinds 2005. De ziekte komt voor bij de witte paardenkastanje (Aesculus hippocastanum) en de rode paardenkastanje (Aesculus carnea). Dit zijn de meest voorkomende soorten in Utrecht. De tamme kastanje is een andere soort. Deze kan de kastanjebloedingsziekte niet krijgen. In Utrecht staan momenteel (2018) ruim 2.500 kastanjebomen.

Omdat er geen middel is tegen de ziekte, planten we niet zomaar nieuwe kastanjes in de stad. Als een kastanje uitvalt door de kastanjebloedingsziekte, vervangen we deze door een andere boomsoort. Alleen op bijzondere plekken vervangen we kastanjes door nieuwe kastanjes. Het gaat dan bijvoorbeeld om groene rijksmonumenten (onder andere Zocherpark, begraafplaats Soestbergen), bijzondere kastanjelanen (onder andere Burgemeester Verderlaan) en markante kastanjes zoals de kastanjeboom op het plein bij het stadhuis.

Voor het volledige overzicht van de bijzondere plekken waar we kastanjes vervangen; zie deze kaart (laatste update: juni 2018). Door op een kastanje te klikken ziet u ook de leeftijd en de exacte soortnaam van de boom. U kunt ook zoeken op adres of op boomnummer naar een kastanje. Met de '+ knop' en '– knop', linksboven op de kaart, zoomt u in.

Kastanjemineermot

De larven van de kastanjemineermot maken doorzichtige plekken in de bladeren van de kastanje. Hierdoor drogen de bladeren uit. Ze worden bruin en vallen te vroeg af. De boom kan hierdoor minder goed gebruikmaken van het groeiseizoen. De kastanjemineermot is niet schadelijk voor de boom.

Spinselmot

spinselmot

De rupsen van de spinselmot zijn een plaag voor bomen. In het late voorjaar eten de rupsen razendsnel een boom of heester kaal. Ze pakken de boom of struik in een soort wit spinrag in. Na ongeveer 4 tot 6 weken verlaten de rupsen de boom. De boom zal dan weer nieuwe bladeren gaan maken.

Spinselmot is niet schadelijk voor de mens of de boom. We bestrijden dit dan ook alleen bij extreme overlast. Bijvoorbeeld bij grote aantallen rupsen dicht bij de ingang van een woning.

Hulp en contact Parken en groen

Telefoon

14 030

Volg Stadsecoloog030